Zoekresultaat: 139 artikelen

x
Artikel

Representativiteit onder de WAMCA

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2022
Trefwoorden collectieve actie, ontvankelijkheid, representativiteitsvereiste, The Privacy Collective, claimorganisatie
Auteurs Mr. drs. T.S.F. Hautvast
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds de invoering van de WAMCA dient iedere claimorganisatie voldoende representatief te zijn, wil zij ontvankelijk zijn in haar collectieve actie. Het is onduidelijk wat het representativiteitsvereiste inhoudt en wat de toegevoegde waarde daarvan is. Bovendien kan een strikte toepassing van dit vereiste de doelstellingen van de collectieve actie ondermijnen.


Mr. drs. T.S.F. Hautvast
Mr. drs. T.S.F. Hautvast is advocaat bij DLA Piper te Amsterdam.
Artikel

Kroniek Privacyrecht 2021

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 3 2022
Auteurs Christiaan Alberdingk Thijm, Vita Zwaan, Marieke Berghuis e.a.

Christiaan Alberdingk Thijm

Vita Zwaan

Marieke Berghuis

Silvia van Schaik

Caroline de Vries

Jacob van de Velde

Sarah Stapel
Artikel

Het MoM-arrest en de aansprakelijkheid voor samengestelde producten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2022
Trefwoorden productaansprakelijkheid, schadevergoeding, MoM-prothese, vervaltermijn, medische hulpmiddelen
Auteurs Mr. dr. J.T. Hiemstra
SamenvattingAuteursinformatie

    Volgens het recente MoM-arrest van de Hoge Raad ontstaat er geen nieuw product bij de samenvoeging van onderdelen van een heupprothese die door dezelfde fabrikant zijn geproduceerd. De onderdelen kwalificeren als afzonderlijke (eind)producten, waarvoor afzonderlijke vervaltermijnen gelden. In deze bijdrage wordt onderzocht hoe het regime inzake productaansprakelijkheid en het MoM-arrest moeten worden toegepast op de situatie waarin onderdelen van verschillende fabrikanten worden samengevoegd.


Mr. dr. J.T. Hiemstra
Mr. dr. J.T. Hiemstra is advocaat bij Hausfeld te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Annotatie

Het recht op ononderbroken rust in de Europese Arbeidstijdenrichtlijn

HvJ EU 9 maart 2021, C-344/19, ECLI:EU:C:2021:182 (DJ/Radiotelevizija Slovenija) en HvJ EU 9 maart 2021, C-580/19, ECLI:EU:C:2021:183 (RJ/Offenbach am Main)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2022
Trefwoorden Wachtdiensten, Arbeidstijd, Rusttijd, Consignatie, Handhaving
Auteurs Prof. mr. W.L. Roozendaal
SamenvattingAuteursinformatie

    Veel Nederlanders zijn verplicht zich in wachtdiensten beschikbaar te houden voor oproepen naast hun reguliere werkweek. Volgens een reeks uitspraken van het Europese Hof van Justitie gelden de inactieve uren van deze diensten onder omstandigheden als arbeidstijd, onder andere als de reactietijd na de oproep kort is, of als oproepen veelvuldig voorkomen. In dit artikel wordt betoogd dat bij geschillen hierover meer aandacht moet uitgaan naar het recht op ononderbroken rust na afloop van deze diensten. Anders dan vaak wordt gesteld, kent de Richtlijn wel een derde categorie naast ‘arbeidstijd’ en ‘rusttijd’, namelijk de ‘ononderbroken compenserende rusttijd zonder verplichtingen’. Het recht op ononderbroken rust na een wachtdienst wordt onvoldoende onderkend in het Nederlandse arbeidstijdenrecht. Daardoor is ons recht in strijd met artikel 17 lid 2 en artikel 18 Europese Richtlijn 2003/88, en lopen werknemers met wachtdiensten gezondheidsrisico’s door gebrek aan slaap. Kunnen rechtzoekenden hier iets aan doen?


Prof. mr. W.L. Roozendaal
Prof. mr. W.L. (Willemijn) Roozendaal is hoogleraar Sociaal Recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Kroniek Burgerlijk Procesrecht 2021

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 2 2022
Auteurs Robert Hendrikse, Floris-Jan Werners, Judith van der Linden e.a.

Robert Hendrikse

Floris-Jan Werners

Judith van der Linden

Anouk Schoenmakers

Bas van Zelst

Stefan Tuinenga
Mr. S. Tuinenga is werkzaam als advocaat bij Scott+Scott.

Reinier Lamberti
Mr. R.J.G. Lamberti is werkzaam als advocaat bij Scott+Scott.
Artikel

Access_open De WAMCA leeft! In vogelvlucht door twee jaar rechtspraak

Ontvankelijkheid, ambtshalve toetsing, meerdere acties, schikkingstermijn ­en bevoegde rechter

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2022
Trefwoorden artikel 3:305a BW, collectieve actie
Auteurs Mr. M.V.E.E. de Monchy en Mr. T.D.A. Kluwen
SamenvattingAuteursinformatie

    De WAMCA is sinds 1 januari 2020 van kracht en heeft de collectieve actie ingrijpend veranderd. Tientallen vonnissen en rolbeslissingen hebben meer duidelijkheid gegeven over de toepassing van de WAMCA in de praktijk. Dit artikel bespreekt in vogelvlucht de meest relevante uitspraken, signaleert trends en waagt een blik vooruit.


Mr. M.V.E.E. de Monchy
Mr. M.V.E.E. de Monchy is advocaat en partner bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.

Mr. T.D.A. Kluwen
Mr. T.D.A. Kluwen is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

Commerciële wereldverbeteraars

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 1 2022
Auteurs Erik Jan Bolsius en Martijn Gijsbertsen
Auteursinformatie

Erik Jan Bolsius

Martijn Gijsbertsen
Beeld
Artikel

Access_open Hoger beroep en cassatie in een collectieve actie op grond van de WAMCA: een blik vooruit

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2021
Trefwoorden class action, massaschade, afwikkeling, exclusieve belangenbehartiger, rechtsmiddel
Auteurs Elselique Hoogervorst, Carla Klaassen en Albert Knigge
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan het instellen van een rechtsmiddel in een WAMCA-procedure is weinig aandacht besteed in de parlementaire geschiedenis en literatuur. In deze bijdrage wordt een aantal vragen met betrekking tot hoger beroep en cassatie in een collectieve actie besproken, zoals welke partijen een rechtsmiddel kunnen instellen, wat rechtens is als niet door of tegen alle partijen hoger beroep wordt ingesteld, tegen welke beslissingen een rechtsmiddel kan worden ingesteld, welke complicaties tussentijds hoger beroep meebrengt en of de bijzondere procedureregels van titel 14A Rv ook in hoger beroep en cassatie moeten gelden. Geconcludeerd wordt dat nadere wetgeving gewenst is.


Elselique Hoogervorst
Mr. drs. E.M. Hoogervorst is professional support lawyer bij Houthoff.

Carla Klaassen
Prof. mr. C.J.M. Klaassen is hoogleraar Burgerlijk recht en Burgerlijk procesrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Albert Knigge
Mr. A. Knigge is advocaat en partner bij Houthoff.
Consumenten

De Richtlijn representatieve vorderingen

Game changer voor het Nederlandse afwikkelingssysteem van massaclaims?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden massaclaims, claimorganisatie, Richtlijn representatieve vorderingen (RVV), WAMCA, toezichthouder
Auteurs Mr. dr. B. van Hattum
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 24 november 2020 is de Richtlijn representatieve vorderingen (RVV) door de Europese Commissie aangenomen en gepubliceerd. De RVV verplicht alle lidstaten om een afwikkelingssysteem van massaclaims aangaande consumentenbelangen te ontwikkelen en in wetgeving te verankeren. Het systeem dient te voorzien in een collectieve actie voor het stoppen of herstellen van een inbreuk op consumentenrechten. Ook moet het systeem voorzien in de mogelijkheid om in collectieve vorm schadevergoeding te kunnen vorderen. Nederland kent al een afwikkelingssysteem voor massaclaims. Dit systeem is sinds de jaren negentig zorgvuldig ontwikkeld op inhoudelijk en strategisch front. In deze bijdrage wordt bekeken hoe de Nederlandse wetgever de kracht van het door hem ontwikkelde afwikkelingssysteem voor massaclaims kan waarborgen in het licht van de inhoud van de RVV.
    Richtlijn (EU) 2020/1828 van het Europese Parlement en de Raad van 25 november 2020 betreffende representatieve vorderingen ter bescherming van de collectieve belangen van consumenten en tot intrekking van Richtlijn 2009/22/EG (PbEU 2020, L 409/1-27).
    Conceptversie van de Implementatiewet richtlijn representatieve vorderingen voor consumenten d.d. 1 mei 2021 inclusief de memorie van toelichting en consultatiereacties.


Mr. dr. B. van Hattum
Mr. dr. B. (Bonne) van Hattum is als preventive law & behavioral risk-expert verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, The Evaluators en de ABN Amro Bank N.V.
Artikel

Procesfinancieringseisen in de Richtlijn representatieve vorderingen en de WAMCA

Niets nieuws onder de zon of werk aan de winkel voor de Nederlandse wetgever?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2021
Trefwoorden collectieve actie, massaschade, ontvankelijkheid, procesfinanciering, implementatie
Auteurs Mr. A.J. Meijerink
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel analyseert de auteur de ontvankelijkheidseisen voor belangenorganisaties ten aanzien van procesfinanciering in collectieve acties in de Richtlijn representatieve vorderingen en de WAMCA. De auteur concludeert dat de gestelde procesfinancieringseisen in beide wetgevingsinstrumenten verschillen en plaatst enkele kanttekeningen bij het op 1 mei 2021 ter consultatie aangeboden voorontwerp dat strekt tot implementatie van de Richtlijn.


Mr. A.J. Meijerink
Mr. A.J. Meijerink is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

De financiering van collectieve schadevergoedingsacties onder de WAMCA

Een inventarisatie van onzekerheden en mogelijkheden vanuit het perspectief van een procesfinancier

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden common fund, exclusieve belangenbehartiger, kostenveroordeling
Auteurs Mr. C.E. Santman en Mr. R.J. Philips
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de WAMCA is Nederland klaar om ook de komende decennia een leidende rol te vervullen in de afwikkeling van massaschades. Zoals bij iedere nieuwe wet, bestaan er ook onzekerheden over de toepassing ervan. In dit artikel staat de vergoeding van de belangenorganisatie en de procesfinancier centraal. Aan de orde komen: (i) de toepassing van de common fund doctrine; (ii) de toetsing van de vergoeding door de rechter; (iii) de kostenveroordeling; en (iv) de vergoeding van de niet-exclusieve belangenbehartiger.


Mr. C.E. Santman
Mr. C.E. Santman is general counsel bij Redbreast Associates te Den Haag.

Mr. R.J. Philips
Mr. R.J. Philips is managing director bij Redbreast Associates te Den Haag.

    In dit redactioneel wordt het centrale onderwerp van dit themanummer toegelicht en wordt nader ingegaan op de bijdragen die in het nummer aan de orde komen.


Mr. J.J. Valk
Mr. J.J. Valk is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.

Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is advocaat bij Hausfeld te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

De summiere ondeugdelijkheidstoets in de WAMCA: het brede belang van een zwaardere invulling

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden collectieve actie, ontvankelijkheid, ondeugdelijk
Auteurs Mr. D. Horeman en Mr. M.V.E.E. de Monchy
SamenvattingAuteursinformatie

    De WAMCA voorziet in een summiere toets door de rechter in een collectieve actie. Blijkt de vordering summierlijk ondeugdelijk, dan leidt dit tot niet-ontvankelijkheid. Het serieus uitvoeren van die toets is in het belang van gedupeerden, van de aangesproken partij en van procesefficiëntie. Daarvan blijkt in de praktijk te weinig.


Mr. D. Horeman
Mr. D. Horeman is partner bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.

Mr. M.V.E.E. de Monchy
Mr. M.V.E.E. de Monchy is partner bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

Access_open WAMCA – exclusieve belangenbehartiger, inclusief complicaties

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2021
Trefwoorden WAMCA, concurrerende vordering, exclusieve belangenbehartiger, collectieve actie, collectief schadeverhaal
Auteurs Branda Katan en Marnix Wallinga
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs onderzoeken de figuur van de exclusieve belangenbehartiger in de WAMCA. De exclusieve belangenbehartiger treedt in een samengevoegde procedure op voor de belangen van alle personen voor wie de collectieve actie is ingesteld, en als vertegenwoordiger van de mede-eiseressen. Deze bijdrage verkent de knelpunten die zich kunnen voordoen bij conflicten tussen concurrerende belangenbehartigers en andere complicaties in verschillende fases van een collectieve procedure.


Branda Katan
Mr. dr. B.M. Katan is advocaat bij Stibbe te Amsterdam en fellow aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Marnix Wallinga
Mr. dr. M.W. Wallinga is advocaat bij Stibbe te Amsterdam en verbonden aan het Groningen Centre for European Financial Services Law.

Marianne Meijssen
Mr. M.A. Meijssen is advocaat bij Scott+Scott.

Stefan Tuinenga
Mr. S. Tuinenga is advocaat bij Scott+Scott.
Artikel

Access_open Rechtsmiddelen tegen niet-appellabele kantonuitspraken

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2021
Trefwoorden art. 332 lid 1 Rv, art. 80 lid 1 Wet RO, rechtsklachten, kantonrechter, doorbreking
Auteurs Frank Bentvelzen
SamenvattingAuteursinformatie

    Door de appelgrens in art. 332 lid 1 Rv en de beperkte cassatiegronden in art. 80 lid 1 Wet RO is beoordeling door een hogere rechter van kantonuitspraken slechts beperkt mogelijk. Dit leidt ertoe dat de kantonrechter soms als hoogste nationale rechter rechtsregels toepast en uitlegt. Deze bijdrage verkent verruiming van de mogelijkheden van hoger beroep en cassatie en bespreekt daartoe aanknopingspunten voor ruimere toepassing van de doorbrekingsleer en afschaffing dan wel aanpassing van art. 80 lid 1 Wet RO. Daarbij wordt aandacht besteed aan verruiming in algemene zin, maar ook specifiek gekeken naar verruiming voor gevallen met een Unierechtelijke dimensie.


Frank Bentvelzen
Mr. F.C. Bentvelzen is werkzaam als PhD-fellow bij het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden.

    Sinds inwerkingtreding van de WAMCA kent de collectieve actie een procedurele tweedeling in een ontvankelijkheidsfase en een inhoudelijke fase. Inhoudelijke behandeling van de vordering vindt ingevolge art. 1018c lid 5 Rv pas plaats indien en nadat de rechter over de ontvankelijkheid heeft beslist. De vraag is in hoeverre de twee fasen los van elkaar kunnen worden gezien, nu elementen van de ontvankelijkheidstoets nauw zijn verweven met de inhoudelijke beoordeling. De auteur maakt een vergelijking met de Amerikaanse federale class action, die een soortgelijke problematiek kent, en betoogt dat een genuanceerde toepassing van art. 1018c lid 5 Rv aangewezen is.


Pim Wissink
Mr. P.G.J. Wissink is promovendus en docent burgerlijk recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Kroniek Burgerlijk Procesrecht 2020

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 2 2021
Auteurs Robert Hendrikse, Floris-Jan Werners, Justin Interfurth e.a.

Robert Hendrikse

Floris-Jan Werners

Justin Interfurth

Bas van Zelst
Artikel

Entrepreneurial Mass Litigation – Balancing the Building Blocks

Bespreking van het proefschrift van mr. I. Tillema

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden collectieve actie, procesfinanciering, massaschade, proceseconomie, geschilbeslechting
Auteurs Prof. mr. drs. T.M.C. Arons
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit proefschrift staat ‘Entrepreneurial mass litigation’ centraal. Dit is door Tillema gedefinieerd als ‘de (gedeeltelijke) financiering van de kosten van collectieve geschilbeslechting door een private partij, die hiervoor in ruil een deel van de opbrengst van de procedure ontvangt of een verhoogd vergoedingspercentage, beide alleen verschuldigd in geval van succes.’


Prof. mr. drs. T.M.C. Arons
Prof. mr. drs. T.M.C. Arons is hoogleraar Financieel Recht en Collectief Verhaalsrecht aan de Universiteit Utrecht. Hij is ook als juridisch adviseur verbonden aan de Vereniging van Effectenbezitters.
Toont 1 - 20 van 139 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.