Zoekresultaat: 19 artikelen

x
Jaar 2012 x

    Kennisgeving ontwerpbesluit in huis-aan-huisblad voldoet niet aan de wettelijke eisen, nu belanghebbenden in Duitsland hiermee niet zijn bereikt. Verspreiding van de kennisgeving langs elektronische weg (website) is ontoereikend

Discussie

Nieuw facultair onderwijsprogramma: waarom eigenlijk?

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2012
Trefwoorden legal education, education policy, academic freedom, higher education
Auteurs Miek Laemers
Auteursinformatie

Miek Laemers
Miek Laemers is senior onderzoeker rechtspleging aan de Radboud Universiteit te Nijmegen en bijzonder hoogleraar onderwijsrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam. In haar onderzoek streeft ze ernaar beide rechtsgebieden te combineren. Voor haar oratie, getiteld Onderwijsrecht in het geding (Nijmegen: Wolf Legal Publishers 2012), onderzocht zij de wijze waarop de rechter recht vindt in onderwijszaken.
Artikel

De Seveso III Richtlijn; deel drie in de strijd tegen zware industriële ongevallen

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8/9 2012
Trefwoorden Seveso, BRZO, gevaarlijke stoffen, ongevallen, preventie, inspectie, handhaving
Auteurs Mr. A. van Rossem
SamenvattingAuteursinformatie

    Eind juni 2012 is de nieuwe Europese Richtlijn 2012/18/EU aangenomen betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken, houdende wijziging en vervolgens intrekking van Richtlijn 96/82/EG van de Raad, kortweg de Seveso III Richtlijn.1x PbEU 2012, L 197/1. De Seveso III Richtlijn vervangt per 1 juni 2015 de huidige Seveso II Richtlijn (96/82/EG).2x Richtlijn 96/82/EG betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken, PbEG 1997, L 10/13. De vervanging van de bestaande richtlijn is primair ingegeven door de noodzaak aansluiting te zoeken bij de nieuwe gevarenclassificatie ingevolge Verordening 2008/1272/EG betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels.3x PbEU 2008, L 353/1. Enige informatie over deze verordening is te vinden op <rivm.nl> onder 'gevaarsindeling' en <agentschap.nl> onder 'onderwerpen', 'eu'. Zie voorts het rapport van SIRA Consulting 'Nederlands onderzoek naar de gevolgen van de CLP verordening voor het Nederlandse bedrijfsleven' d.d. 11 maart 2008. Deze verordening staat bekend als de CLP Verordening (Classification, Labelling and Packaging). In deze bijdrage ga ik in op deze en andere belangrijke wijzigingen en zal ik de implicaties voor de Nederlandse praktijk aanstippen. Dat de preventie van zware industriële ongevallen ook in Nederland nog altijd actueel is, moge blijken uit de brand bij het Seveso (BRZO) bedrijf Chemie-Pack op het industrieterrein Moerdijk in januari 2011.4x Zie hierover o.m. het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid 'Brand bij Chemie-Pack te Moerdijk' van februari 2012 (verkrijgbaar op <www.onderzoeksraad.nl>). Deze brand heeft niet alleen grote gevolgen gehad voor omwonenden in de verre omtrek, maar heeft ook aanzienlijke milieuschade veroorzaakt.

Noten

  • 1 PbEU 2012, L 197/1.

  • 2 Richtlijn 96/82/EG betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken, PbEG 1997, L 10/13.

  • 3 PbEU 2008, L 353/1. Enige informatie over deze verordening is te vinden op <rivm.nl> onder 'gevaarsindeling' en <agentschap.nl> onder 'onderwerpen', 'eu'. Zie voorts het rapport van SIRA Consulting 'Nederlands onderzoek naar de gevolgen van de CLP verordening voor het Nederlandse bedrijfsleven' d.d. 11 maart 2008.

  • 4 Zie hierover o.m. het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid 'Brand bij Chemie-Pack te Moerdijk' van februari 2012 (verkrijgbaar op <www.onderzoeksraad.nl>).


Mr. A. van Rossem
Mr. A. van Rossem is advocaat bij NautaDutilh.
Artikel

De Awb en de omgevingsvergunning van rechtswege

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Wabo, omgevingsvergunning, positieve beschikking, van rechtswege
Auteurs Mr. dr. J. Robbe
SamenvattingAuteursinformatie

    Zoals zoveel relaties is ook die tussen de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en bijzondere bestuurswetten niet altijd zonder problemen. De bijzondere en de algemene regeling verhouden zich niet altijd even goed tot elkaar. Dat is ook het geval bij de relatie tussen de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en de Awb, die in deze bijdrage centraal staat. Het onderwerp is de door de Wabo geïntroduceerde omgevingsvergunning van rechtswege. In hoeverre sluit de regeling die de Wabo op dit punt bevat aan op de algemene regeling van de positieve beschikking van rechtswege in de Awb? Welke overeenkomsten, maar vooral welke verschillen zijn er? En wat zou dit moeten betekenen voor de toekomst van de omgevingsvergunning van rechtswege?


Mr. dr. J. Robbe
Mr. dr. J. (Jan) Robbe is universitair hoofddocent staats- en bestuursrecht en in het bijzonder het omgevingsrecht aan de afdeling Staats- en bestuursrecht van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Centrum voor Omgevingsrecht en Beleid (<www.centrumvooromgevingsrecht.nl>).

    Crisis- en herstelwet van toepassing. De rechtbank oordeelt dat niet aannemelijk is dat eisers zijn benadeeld in hun belangen door in het strijd met de WGH ontbreken van een akoestisch onderzoek


Tonny Nijmeijer

    Gemeentelijke verordening Cultuurhistorie. Aanwijzing gemeentelijk monument. Feitelijke onjuistheden in redengevende omschrijving


Tonny Nijmeijer
Artikel

De constitutionele toetsing door de Raad van State

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2012
Trefwoorden advisering, constitutionele toetsing, interpretatiemethoden, Raad van State, rechtsvergelijking, verdragsconforme grondwetsuitleg
Auteurs Prof. mr. drs. B.P. Vermeulen en Mr. dr. H.J.Th.M. van Roosmalen
SamenvattingAuteursinformatie

    De Raad van State heeft de achterliggende jaren stappen gezet om de toetsing aan constitutionele normen te versterken. In deze bijdrage komt het begrip constitutionele toetsing aan de orde zoals dat door de Afdeling wordt gehanteerd. Vervolgens worden de redenen aangestipt voor de inzet om de constitutionele toetsing binnen de Raad en met name de Afdeling te versterken. Ook wordt geschetst waartoe dit streven de afgelopen jaren heeft geleid. De bijdrage sluit af met een verwachting ten aanzien van de constitutionele vragen die de komende tijd op het bord van – onder meer – de Afdeling zullen komen te liggen.


Prof. mr. drs. B.P. Vermeulen
Prof. mr. drs. B.P. Vermeulen is lid van de Raad van State. b.vermeulen@raadvanstate.nl

Mr. dr. H.J.Th.M. van Roosmalen
Mr. dr. H.J.Th.M. van Roosmalen is jurist bij de Raad van State. h.vanroosmalen@raadvanstate.nl

    Naar het huidige Nederlandse contractenrecht is voor de geldigheid van een overeenkomst niet vereist dat er een zekere evenredigheid bestaat tussen de wederzijdse prestaties van twee private partijen. De heersende opvatting in het Nederlandse (en Europese) privaatrecht is dat de iustum pretium-leer (leer van de rechtvaardige prijs) geen deel van het contractenrecht uitmaakt en ook niet zou mogen uitmaken. Het in het Nederlandse privaatrecht ingenomen standpunt ten aanzien van de iustum pretium-leer wordt echter in belangrijke mate doorkruist voor wat betreft de provisieafspraken tussen de cliënt en de financiële dienstverlener door de recente invoering van de ‘kennelijke onredelijkheidsnorm’ in de financiële toezichtwetgeving. In deze bijdrage wordt ingegaan op deze ontwikkeling in het bestuursrecht en haar betekenis voor de contractspraktijk.


Prof. dr. O.O. Cherednychenko
Prof. dr. O.O. Cherednychenko is adjunct hoogleraar Europees privaatrecht en rechtsvergelijking aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Jurisprudentie

2012/28 College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 juni 2012

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Apotheek, artikel 48 Wmg, verplichting tot sluiten contracten met zorgverzekeraars
Samenvatting

    Apotheek; artikel 48 Wmg; AMM; verplichting tot sluiten contracten met zorgverzekeraars

Artikel

OPTA: klem tussen CBb en Commissie? Over regulering, onmacht en overmacht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden voorrang Unierecht, tariefregulering, CBb, OPTA, bevoegdheid Commissie
Auteurs Mr. J.F.A. Doeleman
SamenvattingAuteursinformatie

    Telecomtoezichthouder OPTA stelt elke drie jaar plafonds vast voor bepaalde groothandelstarieven. Voor de berekening van deze plafonds hanteert OPTA een door de Commissie aanbevolen methode. Het laatste besluit – voor de periode juli 2010 tot juli 2013 – werd in augustus 2011 door het CBb vernietigd. De rechter voorzag deels zelf in de zaak en droeg OPTA voor het overige op vóór 1 januari 2012 een herstelbesluit te nemen waarin de betrokken tariefplafonds volgens een andere dan de door de Commissie aanbevolen methode werden berekend. De Commissie verhindert dat nu met een ‘standstill’. OPTA moet van het CBb rechtsaf, maar de Commissie wil dat zij linksaf gaat. Een toezichthouder tussen Scylla en Charybdis.


Mr. J.F.A. Doeleman
Mr. J.F.A. Doeleman is advocaat te Amsterdam (Houthoff Buruma).

    Verschil WRO/Wro inzake publicatie van de terinzagelegging van gewijzigd plan. Actualisering verouderde bestemmingsplannen

    Overgangsrecht Wabo. Burgemeester en wethouders niet bevoegd tot intrekken bouwvergunning

    Het opleggen van een maatwerkvoorschrift met hogere geluidsnormen is niet in overeenstemming met de best beschikbare technieken (bbt), omdat de kosten van gevelisolatie de toepassing van bbt niet te boven gaan

    Uitgebreide voorbereidingsprocedure heeft voorrang bij onlosmakelijk met elkaar verbonden activiteiten

Artikel

Nieuwe Europese regels voor privacy: commissie stelt pakket voor om gegevens ook in het informatietijdperk te beschermen

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden fundamentele rechten, voorgenomen besluitvorming EU, bescherming persoonsgegevens, handvest grondrechten, artikel 16 VWEU
Auteurs Mr. H. Hijmans
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bespreekt het voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (algemene verordening gegevensbescherming), dat op 25 januari 2012 door de Commissie is aangenomen. Dit voorstel beoogt een ingrijpende vernieuwing van het Europese stelsel voor gegevensbescherming te bewerkstelligen, onder meer door in een verordening gedetailleerde regels te stellen die in de gehele Unie van toepassing zijn. Het artikel eindigt met enkele fundamentele Europeesrechtelijke vragen die het voorstel oproept.


Mr. H. Hijmans
Mr. H. Hijmans is afdelingshoofd Policy & Consultation bij de Europese toezichthouder voor de gegevensbescherming (EDPS).

    Specialistische dieetadvisering geen verzekerde prestatie meer; NVD e.a. voldoen niet aan relativiteitsvereiste; NFK voldoet wel; geen strijd met deugdelijke belangenafweging, zorgvuldigheidsbeginsel, huidige beleid en/of rechtszekerheidsbeginsel: afwijzing vorderingen

Artikel

De veranderde positie van de verpleegkundige in de Wet BIG

De positie van de verpleegkundige en de verpleegkundig specialist in de Wet BIG na invoering van de Wet taakherschikking

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden experimenteerartikel, taakherschikking, verantwoordelijkheidsverdeling, verpleegkundig specialist, voorschrijfverpleegkundige, Wet BIG
Auteurs Mr. D.Y.A. van Meersbergen
SamenvattingAuteursinformatie

    Recent is aan de Wet BIG een zogenaamd experimenteerartikel toegevoegd. Op grond daarvan mogen onder meer verpleegkundig specialisten tijdelijk bepaalde voorbehouden handelingen indiceren en verrichten. Een regeling via het experimenteerartikel lijkt echter niet goed toe te passen bij beroepen die reeds bestaan, zoals de verpleegkundig specialist. Dit roept verschillende vragen op waar de auteur in dit artikel nader op ingaat. Daarnaast behandelt dit artikel de uitwerking van het experimenteerartikel op de veranderde positie van de verpleegkundige in het beroepenspectrum en de nieuwe verantwoordelijkheden die daarbij horen.


Mr. D.Y.A. van Meersbergen
Diederik van Meersbergen is als jurist werkzaam bij de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst.
Artikel

De wijzigingen van het ontwerpwetsvoorstel Natuur

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden ontwerpwetsvoorstel Natuur, integratie Natuurbeschermingswet 1998, Flora- en faunawet en Boswet, Vogel- en Habitatrichtlijn, wetswijzigingen
Auteurs Mr. I.R. Viertelhauzen
SamenvattingAuteursinformatie

    Door de Wet natuur zal het natuurbeschermingsrecht zowel inhoudelijk als procedureel wijzigen. De Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en faunawet en de Boswet worden samengevoegd. In deze bijdrage wordt ingegaan op het ontwerpwetsvoorstel en worden de belangrijkste verschillen tussen het huidige en voorgestelde regime beschreven. Het ontwerpwetsvoorstel sluit nauw aan bij de Vogel- en de Habitatrichtlijn. Nationale koppen worden zo veel mogelijk verwijderd. Gebiedsbescherming, soortenbescherming en houtopstanden hebben elk, in afzonderlijke hoofdstukken, een eigen toetsingskader. Daarnaast zullen de taken en bevoegdheden in beginsel bij de provincies worden gelegd.


Mr. I.R. Viertelhauzen
Mr. I.R. (Ingrid) Viertelhauzen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.