Zoekresultaat: 12 artikelen

x
Jaar 2009 x

    There is currently no legal base for financial supervision and crisis management at the European level. Powers are nationally based. This article develops the financial trilemma, which states that a stable financial system, an integrated financial system and national financial autonomy are incompatible. Any two of the three objectives can be combined, but not all three; one has to give. Assuming that a stable financial system is desirable, this article explores the trade-off between national financial autonomy and financial integration in Europe. Policymakers face a clear choice. If they want to preserve the benefits of the single market for financial services (financial integration), financial supervision and crisis management have to be based on a European footing. This article stresses that a strong legal base is needed for such European arrangements. Voluntary cooperation does not work in a crisis, as national governments tend to follow their national interests. The alternative to European arrangements is preserving the current national powers. This article predicts that banking will then become national: each country has its own national banks.


D. Schoenmaker
Prof. dr. Dirk Schoenmaker is decaan van de Duisenberg School of Finance.
Artikel

Gezichtspunten bij ontslag: verwijtbaarheid, proportionaliteit en continuïteit

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2009
Trefwoorden ontslag, ontslagvergoeding, ontbinding, ontbindingsvergoeding, kennelijk onredelijk ontslag, ratio, grondslag, gezichtspunten, proportionaliteit
Auteurs Mw. mr. W.L. Roozendaal
SamenvattingAuteursinformatie

    In het ontslagrecht zijn vele gezichtspunten relevant. Waarom zijn zij relevant? Betoogd wordt dat de vele redenen hiervoor zijn samen te vatten als drie toetsen: de verwijtbaarheidtoets, de proportionaliteitstoets en de continuïteitstoets. Volgens de eerste toets moeten gradaties van verwijtbaarheid bij een tekortkoming relevant zijn voor de bescherming tegen ontslag. Volgens de tweede toets moet het gewicht van de ontslaggrond proportioneel zijn aan de ingrijpendheid van het ontslag.Volgens de derde toets moet ontslag (desondanks) mogelijk zijn als zinvolle voortzetting van de overeenkomst niet haalbaar is. Is dat laatste het geval, dan moet eventuele disproportionaliteit van het ontslag (dan maar) worden uitgedrukt in een vergoeding. De analyse van gezichtspunten bij ontslag geeft aanleiding tot de stelling, dat bij het vaststellen van de ontbindingsvergoeding onvoldoende getoetst wordt aan proportionaliteit, zodat de vergoedingen gemakkelijk disproportioneel zijn.


Mw. mr. W.L. Roozendaal
W.L. Roozendaal is docent aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam, afdeling staats- en bestuursrecht.
Artikel

De nieuwe regeling van de schorsing van de voorlopige hechtenis bij jeugdigen in het licht van de onschuldpresumptie

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2009
Trefwoorden Bijzondere voorwaarden, Voorlopige hechtenis, Onschuldpresumptie, Wet gedragsbeïnvloeding jeugdigen
Auteurs Jolande uit Beijerse
SamenvattingAuteursinformatie

    Het onderwerp van deze bijdrage is de schorsing van de voorlopige hechtenis onder bijzondere voorwaarden bij jeugdigen. Centrale vraag is in hoeverre de wetgever erin is geslaagd om in de nieuwe Wet gedragsbeïnvloeding jeugdigen en het bijbehorende Besluit duidelijkheid te creëren over de grenzen van de onschuldpresumptie. Op basis van de algemene beschouwingen, waarin de nadruk ligt op proportionaliteit in plaats van op subsidiariteit, het nieuwe criterium ‘voorwaarden het gedrag van de veroordeelde betreffende’, dat volledig is toegesneden op de voorwaardelijke veroordeling en een beschouwing van de nieuw opgenomen bijzondere voorwaarden, wordt geconcludeerd dat dit niet het geval is. Tot slot worden concrete aanbevelingen gedaan om de wet en praktijk alsnog met de onschuldpresumptie in overeenstemming te brengen.


Jolande uit Beijerse
Jolande uit Beijerse is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en tevens redactielid van PROCES.
Artikel

Contractenrecht als meergelaagde rechtsorde: uitdagingen voor de komende tien jaar

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2009
Trefwoorden pluralisme, coherentie, meergelaagde rechtsorde
Auteurs Prof. mr. J.M. Smits
SamenvattingAuteursinformatie

    In het afgelopen decennium is het contractenrecht in sterke mate geëuropeaniseerd. Daarnaast is ook de hoeveelheid private regulering toegenomen en kiezen contractanten in toenemende mate andere rechtsstelsels dan het ‘eigen’. Het naast elkaar bestaan van verschillende contractenrechtstelsels wordt doorgaans beschouwd als problematisch: het zou de coherentie en eenheid van het recht aantasten. Deze bijdrage bepleit dat een pluralistisch contractenrecht ook voordelen heeft en dat met name twee vragen beantwoording verdienen: die naar het optimale niveau van regulering en die naar de beste wijze van omgang met een pluralistisch contractenrecht.


Prof. mr. J.M. Smits
Prof. mr. J.M. Smits is hoogleraar Europees privaatrecht en rechtsvergelijking aan de Universiteit van Tilburg (TICOM) en gasthoogleraar Comparative Legal Studies aan de Universiteit van Helsinki.
Artikel

Vijf keer televisie, films en boeken – het cultuurbelang in het Gemeenschapsrecht anno 2009

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8-9 2009
Trefwoorden cultuurbelang, must-carry, pluriformiteit, prejudiciële uitspraken
Auteurs Mr. H.S.J. Albers
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel worden vijf arresten uit de periode van december 2007 tot april 2009 besproken. Deze vijf arresten hebben gemeen dat zij alle betrekking hebben op het nationale cultuurbeleid en de bescherming van de taal en de pluriformiteit. Uit de analyse van de vijf besproken arresten blijkt dat het inroepen van het cultuurbelang in het Gemeenschaprecht anno 2008/2009 in principe niet leidt tot een alternatieve toepassing van het Gemeenschapsrecht. Slechts met betrekking tot gerechtvaardigde culturele, taal- of pluriformiteitsgerelateerde eisen die een ‘inherent’ bevoordelend effect hebben, zoals een taaleis ter bescherming van de nationale of officiële taal, of de plicht lokaal nieuws te brengen ter bescherming van de pluriformiteit, wordt een bijzondere positie geaccepteerd. In dergelijke gevallen is immers onvermijdelijk dat marktdeelnemers die in de betreffende lidstaat zijn gevestigd gemakkelijker aan de gestelde eisen kunnen voldoen dan marktdeelnemers die daarbuiten zijn gevestigd.


Mr. H.S.J. Albers
Mr. H.S.J. Albers is advocaat bij Houthoff Buruma, Brussel.
Boekbespreking

D. Haas, De grenzen van het recht op nakoming, Recht en Praktijk nr. 176, Deventer: Kluwer 2009

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2009
Trefwoorden nakoming, Haas, grenzen van het recht op nakoming
Auteurs Mw. mr. A.L.J.A. Schreuder
SamenvattingAuteursinformatie

    Auteur bespreekt het proefschrift van Haas en merkt op dat het prettig en is geschreven en gedegen is. De grenzen van het recht op nakoming in samenhang met hieraan gerelateerde problematiek, worden hierin helder in kaart gebracht. Toch leent dit boek zich minder voor directe toepassing door de praktijkjurist. Dat neemt echter niet weg dat de procesadvocaat hieruit inspiratie voor de te hanteren “line of defense” kan putten, mede gelet op de opzet van dit boek. Voorts vormen de inzichten van Haas zonder meer een belangrijke bijdrage aan het (vooralsnog) academische debat over complexe onderwerpen zoals relatieve nakoming en de verzuimregeling.


Mw. mr. A.L.J.A. Schreuder
Mw. mr. A.L.J.A. Schreuder is advocaat bij Baker & McKenzie te Amsterdam.
Boekbespreking

Herstelrecht en procedurele waarborgen

Bespreking van dissertatie Katrien Lauwaert

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2009
Trefwoorden procedurele waarborgen, strafrechtelijke waarborgen, herstelrechtelijke waarborgen
Auteurs John Blad
Auteursinformatie

John Blad
John Blad is als universitair hoofddocent strafrechtswetenschappen verbonden aan de faculteit der Rechtsgeleerdheid te Rotterdam en is redacteur van dit tijdschrift.

Dr. mr. C.R.J.J. Rijken
Dr. mr. C.R.J.J. Rijken is universitair hoofddocent aan de universiteit van Tilburg bij het Departement Europees en Internationaal Publieksrecht en toegevoegd onderzoeker bij INTERVICT.
Artikel

Access_open Lettres Persanes 13

Res publica en rechtsstaat: vrijheid in een onvolmaakte samenleving – Pleidooi voor een functionele (niet te bevlogen) grondwet

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2009
Trefwoorden Vlaanderen, constitutie, Grondwet, fundamentele vrijheden
Auteurs Matthias Storme
SamenvattingAuteursinformatie

    In light of the possibility that Belgium could fall apart in coming years this contribution argues that it is time to reflect on a constitution for Flanders: What are the characteristics of a good constitution? A good constitution would entrench fundamental freedoms, which are historically rooted in society. Moreover, it obliges the government to maintain and enforce the laws, preventing abuse of power and corruption. Finally, a functioning constitution stands above temporary interests of partisan politics, and should not be used as a means to encumber future generations with our ideological choices.


Matthias Storme
Matthias Storme is advocaat aan de balie van Brussel en buitengewoon hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Leuven en aan de Universiteit Antwerpen.

    John Blad reageert op het artikel De komende emancipatie van het slachtoffer van Jan van Dijk.


John Blad
John Blad is als universitair hoofddocent strafrechtswetenschappen verbonden aan de faculteit der Rechtsgeleerdheid te Rotterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Europese rechtspraak op het terrein van winstbelastingen bezien vanuit Nederlands perspectief

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2009
Trefwoorden vennootschapsbelasting, EG- Verdrag, winstbelasting, Europees Hof van Justitie
Auteurs Prof. dr. J.N. Bouwman en Dr. M.G. de Weerdt-de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Bouwman en de Weerdt-de Jong beantwoorden in hun bijdrage de vraag in hoeverre belangrijke onderdelen van de Nederlandse Wet Vpb 1969 verenigbaar zijn met de vrijheden die zijn verankerd in het EG-verdrag, Alvorens deze vraag te beantwoorden schetsen zij een beeld van de rol van het Europese recht op het terrein van de winstbelastingen. Zij komen tot een achttal conclusies en doen waar nodig een aanbeveling tot wijziging.


Prof. dr. J.N. Bouwman
Prof. dr. J.N. Bouwman is hoogleraar algemeen belastingrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Dr. M.G. de Weerdt-de Jong
Dr. M.G de Weerdt-de Jong is universitair docent belastingrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Prof. mr. W. Sauter
Prof. mr. W. Sauter is verbonden aan de Universiteit van Tilburg en Nederlandse Zorgautoriteit
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.