Zoekresultaat: 71 artikelen

x
Jaar 2012 x

    In deze bijdrage wordt op experimentele wijze gezocht naar een antwoord op de vraag wat de rechtvaardiging is van de beperking van de handelingsbekwaamheid van de minderjarige en het het bewind over zijn vermogen. Bij wijze van experiment wordt een fictieve regeling in het leven geroepen, het zogenaamde tachtigplusbewind. Op grond van deze regeling wordt eenieder die de tachtigjarige leeftijd passeert van rechtswege beperkt in zijn handelingsbekwaamheid en verliest hij het bewind over zijn vermogen. Vervolgens wordt de vraag gesteld waarom een dergelijk tachtigplusbewind niet wenselijk is en de bescherminsgmaatregelen die minderjarigen treffen wel. Deze bijdrage is een onderdeel van een breder dissertatieonderzoek met als titel 'Minderjarigen en (de zorg voor hun) vermogen.'
    ---
    This contribution seeks, in an experimental manner, to find an answer to the question of what is the justification for restriction on the capacity of the minor and the administration of their assets. By way of experimentation, a fictitious arrangement is created, the so-called ‘eighty-plus-fiduciary-administration’. Under this scheme, anyone who is over the age of eighty will have their legal capacity limited, and lose control of their assets. The question then arises as to why this eighty plus rule is not desirable whilst the protective rules for minors are widely accepted. This contribution is part of a wider dissertation research entitled ‘Minors and (the care of) their assets’.


Mr. Hans ter Haar
Hans ter Haar is a lecturer in notarial law at the University of Groningen.
Jurisprudentie

Zuivere aanvaarding door handelingen van een gevolmachtigde?

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden als erfgenaam gedragen, zuiver aanvaarden, volmacht, artikel 4:192 BW, verwerping
Auteurs Prof. Mr. E.A.A. Luijten en Prof. Mr. W.R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken de uitspraak van de Rb ’s-Gravenhage 13 juni 2012, LJN BX2012, waarin de rechtbank oordeelt dat de langstlevende zich niet als erfgenaam heeft gedragen. De echtgenoten hebben tijdens leven volmacht en opdracht aan een derde gegeven, gericht op sanering van de onderneming. Na overlijden van een van de echtgenoten heeft de gevolmachtigde de onderneming verkocht. De langstlevende heeft nadien de nalatenschap verworpen. De vraag rijst of zij zich als erfgenaam heeft gedragen.


Prof. Mr. E.A.A. Luijten
Prof. Mr E.A.A. Luijten is emeritus hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Nijmegen.

Prof. Mr. W.R. Meijer
Prof. Mr W.R. Meijer is emeritus hoogleraar aan de Open Universiteit Nederland te Heerlen.
Artikel

Ik opa en ik oma …

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden last, Legaat, Iki-opa-last, contante waarde van de schuld, fictieve erfrechtelijke verkrijging
Auteurs Mr. K.M.L.L. van de Ven
Samenvatting

    Dit artikel is een bespreking van de civielrechtelijke verschillen tussen last en legaat alsmede het fiscale verschil tussen een last en een legaat bij een ik-opa- c.q. -oma-clausule.


Mr. K.M.L.L. van de Ven

    As a result of reported cases of child abuse by Roman Catholic priests and brothers in The Netherlands, a Dutch solicitor has formally accused the archdiocese of Utrecht and the diocese of Rotterdam of conspiracy. The charges being ill-founded were rejected by the public prosecutor. The present article points out that the charge of conspiracy was ill-considered and legally untenable under Dutch criminal law, because it could not be maintained that the archdiocese of Utrecht or the diocese of Rotterdam were parties to an agreement to commit the offences in question. Unfortunately child abuse and the tendency to keep it silent are a common problem in Dutch society, not only within the Roman Catholic Church, so it should be addressed accordingly. The Dutch Bishops’ Conference and representatives of congregations established in The Netherlands have set up a fact-finding committee under the expert guidance of the elder states-man Mr. Deetman to make an independent investigation into the facts and circumstances of sexual abuse of children within the ecclesiastical province of The Netherlands and to make recommendations for redress and compensation. The committee has submitted its report in December 2011. Like this the Dutch bishops and congregations have set an example how the problem of prescribed cases of child abuse within a complex social organization can be revealed and dealt with. For that purpose criminal law is a less appropriate instrument. It is satisfying to see that other organizations, religious and secular, have taken similar initiatives.


René Guldenmund
Mr. R.M.A. Guldenmund studeerde burgerlijk recht en internationaal recht, en was van 1984-1993 onderzoeker aan de Universiteit Utrecht. Sindsdien werkte hij als jurist aan verschillende ministeries. Hij publiceerde o.a. over de strafrechtelijke handhaving van het EU-gemeenschapsrecht. Thans werkt hij aan het proefschrift God in de publieke ruimte. rene@guldenmund.eu.
Artikel

De begunstigingsaanwijzing; eenzijdig karakter leidt tot een eenzijdige uitleg

HR 21 september 2012, LJN BW6728, RvdW 2012, 1133

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2012
Trefwoorden uitleg begunstigingsaanwijzing, kapitaalverzekering, niet-kenbare omstandigheden
Auteurs E.E. Krikke
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij uitleg van een begunstigingsaanwijzing in een kapitaalverzekering kunnen ook verklaringen en gedragingen een rol spelen die niet aan de verzekeraar kenbaar zijn. Een dergelijke uitleg van de overeenkomst wordt gebaseerd op diverse bepalingen van art. 7:967 BW en op het bijzondere karakter van de begunstigingsaanwijzing.


E.E. Krikke
E.E. Krikke is als student-assistent verbonden aan de Erasmus School of Law te Rotterdam.


Artikel

De Europese Erfrechtverordening: nieuwste loot aan de stam van het Europese IPR

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8/9 2012
Trefwoorden Europese Erfrechtverordening, IPR, erfrecht, verklaring van erfrecht, notaris
Auteurs Mr. J.G. Knot
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 juli 2012 is de Europese Erfrechtverordening vastgesteld. Deze verordening introduceert geharmoniseerde regels in de Europese Unie (met uitzondering van het Verenigd Koninkrijk, Ierland en Denemarken) ten aanzien van de bevoegdheid, het toepasselijke recht en de erkenning en tenuitvoerlegging op het terrein van het internationaal erfrecht. Niet het materiële erfrecht, maar het IPR-erfrecht vormt daarmee het onderwerp van de verordening. Bovendien wordt met de verordening het instrument van de Europese erfrechtverklaring ingevoerd. Daarmee is de Erfrechtverordening een volgende – en naar het zich laat aanzien zeker niet de laatste – stap in het proces van Europeanisering van het IPR.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en wetenschappelijk adviseur bij PlasBossinade te Groningen; j.g.knot@rug.nl.


Artikel

Overweging 26: testeer- en keuzevrijheid ordre public en fraus legis

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden IPR-erfrecht, Erfrechtverordening, rechtskeuze testeervrijheid, ordre public, fraus legis, dwingend erfrecht
Auteurs Prof. mr. F.W.J.M. Schols
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage stelt de auteur de vraag aan de orde of, na de inwerkingtreding van de Erfrechtverordening, ook het dwingende erfrecht van een ‘verordeningsland’ waarvan de erfwet niet van toepassing is, moet wijken, ook al zijn bijvoorbeeld goederen van de nalatenschap in dat land gelegen of had erflater aldaar zijn woonplaats. De auteur beantwoordt de vraag bevestigend. Bij zijn zoektocht stuit hij op overweging 26 bij de Erfrechtverordening: ‘Niets in deze verordening mag een gerecht beletten om mechanismen voor de bestrijding van wetsontduiking toe te passen, zoals fraus legis in het kader van het internationaal privaatrecht’, en spreekt de vrees uit dat Europese rechters overweging 26 te snel zullen aangrijpen als hun eigen dwingende erfrecht geweld wordt aangedaan.


Prof. mr. F.W.J.M. Schols
Prof. mr. F.W.J.M. Schols is hoogleraar aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en tevens verbonden aan ScholsBurgerhartSchols in Nijmegen.
Artikel

De gevolgen van de Europese Erfrechtverordening voor Nederbelgen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden internationaal privaatrecht, erfrecht, Nederbelgen, Europese Erfrechtverordening
Auteurs Mr. J.L.D.J. Maasland en Prof. dr. R.R.M. Barbaix
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaan de auteurs in op de gevolgen die het van toepassing worden van de Europese Erfrechtverordening heeft voor Nederbelgen. Zij bespreken daartoe allereerst het huidige Nederlandse en Belgische internationaal privaatrecht ten aanzien van het erfrecht. Daarna schetsen zij de hoofdlijnen van de Erfrechtverordening. Vervolgens lichten de auteurs aan de hand van een aantal voorbeeldsituaties de gevolgen van de Erfrechtverordening voor Nederbelgen toe. Zij sluiten af met een aantal conclusies en aanbevelingen.


Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is kandidaat-notaris bij Greenille te Rotterdam.

Prof. dr. R.R.M. Barbaix
Prof. dr. R.R.M. Barbaix is professor aan de Universiteit Antwerpen en advocaat bij Greenille te Brussel.
Redactioneel

Ter introductie

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2012
Auteurs Mr. J.G. Knot
Auteursinformatie

Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en wetenschappelijk adviseur bij PlasBossinade te Groningen.


Artikel

Wie is mijn echtgenoot?

Het ex-echtgenotenartikel, haar redactie en haar strekking

Tijdschrift AdvoTip, Aflevering 17 2012
Auteurs


    Het NILG heeft in opdracht van het WODC onderzocht of het wenselijk is om een aanvullende wettelijke regeling te treffen voor het stelsel ‘koude uitsluiting’. In deze literatuurbespreking vindt u een bespreking van dit rapport, evenals de reactie (dd. 26 september 2011) van de staatssecretaris op dit rapport.
    ---
    The NILG (Netherlands Institute for Law and Governance) was commissioned by the WODC (the Dutch abbreviation for Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum, in English: Research and Documentation Centre) to investigate the necessity to provide an additional legal regulation of the total separation of property (contractual regime allowing spouses or registered partners to exclude any community of assets). In this review the author discusses the above-mentioned report and the response of the State Secretary (dated September 26th, 2011).


Mr. Evelien Verhagen
Evelien Verhagen studied Dutch law and notarial law at the Radboud University Nijmegen. In 2008, she graduated in Dutch law with cum laude with the thesis topic 'Current developments in the conception of the cooling off period and the requirement that an agreement must be in writing according to article 7:2 of the Dutch Civil Code'. She is now a PhD student at the Molengraaff Institute for Private Law, where she is writing her dissertation on the topic: 'Reasonableness and fairness in the law of persons and Family Law; magic potion of flexibility or poisonous uncertainty?' .
Artikel

Vermindering van (quasi-)legaten; een terrein vol voetangels en klemmen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden legaat, quasi-legaat, sommenverzekering, vermindering
Auteurs Mr. P.C. van Es
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt in zijn algemeenheid aandacht besteed aan doel en werking van de regeling van vermindering van legaten van artikel 4:120 BW en wordt bezien in hoeverre de regeling ook daadwerkelijk aan haar doel beantwoordt. Vervolgens wordt – mede aan de hand van Hof Amsterdam 27 september 2011, LJN BT8650 – gekeken naar de uitwerking van de regeling van artikel 4:127 BW, inzake de vermindering van een begunstiging bij sommenverzekering.


Mr. P.C. van Es
Mr. P.C. van Es is universitair hoofddocent notarieel recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Een kijkje bij de zuiderburen

De testamentaire bindende derdenbeslissing

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2012
Auteurs Mr. N.V.C.E. Bauduin
Auteursinformatie

Mr. N.V.C.E. Bauduin
Mr. N.V.C.E. Bauduin is werkzaam aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Jurisprudentie

Van dingen die voorbijgaan…

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Andere wettelijke rechten, Artikel 4:30 BW, Verzorgingsvruchtgebruik, Verzorgingsbehoefte
Auteurs Prof. mr. E.A.A. Luijten en Prof. mr. W.R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Besproken wordt een arrest van het Hof Amsterdam 20 december 2011, LJN BV0739, waarin de echtelieden reeds vele jaren gehuwd waren, maar al lang niet meer samenleefden, terwijl het huwelijk tussen hen nimmer door echtscheiding was ontbonden. De erflater had zijn echtgenote testamentair als zijn erfgename uitgesloten. Zij legde zich hierbij echter niet neer.De Rechtbank Utrecht, sector kanton en in hoger beroep het Hof Amsterdam stonden voor de taak tussen de twee kinderen van de erflater uit zijn vorige huwelijk en de weduwe een beslissing te geven over de vraag of aan de weduwe een recht op vestiging van een vruchtgebruik, bedoeld in artikel 4:30 BW toekwam en zo ja, van welke omvang.


Prof. mr. E.A.A. Luijten
Prof. mr. E.A.A. Luijten is emeritus hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Nijmegen.

Prof. mr. W.R. Meijer
Mw. prof. mr. W.R. Meijer is emeritus hoogleraar aan de Open Universiteit Nederland te Heerlen.
Artikel

Access_open Globalization as a Factor in General Jurisprudence

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 2 2012
Trefwoorden general jurisprudence, globalization, global legal pluralism, legal positivism, analytical jurisprudence
Auteurs Sidney Richards
SamenvattingAuteursinformatie

    Globalization is commonly cited as an important factor in theorising legal phenomena in the contemporary world. Although many legal disciplines have sought to adapt their theories to globalization, progress has been comparatively modest within contemporary analytical jurisprudence. This paper aims to offer a survey of recent scholarship on legal theory and globalization and suggests various ways in which these writings are relevant to the project of jurisprudence. This paper argues, more specifically, that the dominant interpretation of globalization frames it as a particular form of legal pluralism. The resulting concept – global legal pluralism – comes in two broad varieties, depending on whether it emphasizes normative or institutional pluralism. This paper goes on to argue that these concepts coincide with two central themes of jurisprudence, namely its concern with normativity and institutionality. Finally, this paper reflects on the feasibility of constructing a ‘general’ and ‘descriptive’ jurisprudence in light of globalization.


Sidney Richards
Sidney Richards is Doctoral candidate in Law at Pembroke College at the University of Cambridge.
Artikel

Access_open Religie en maatschappelijk verantwoord ondernemen: een (deels) gemiste kans

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2012
Trefwoorden CSR, empirical research, religiosity, values
Auteurs Corrie Mazereeuw-van der Duijn Schouten
SamenvattingAuteursinformatie

    Nowadays the interest in and valuation of Corporate Social Responsibility (CSR) is impressive, but when it comes to the effective implementation of CSR in business practices there seems to be a large gap. In order to advance CSR, it is important to know what motivates executives to contribute to CSR. Religiosity may be a motivational driver of CSR. I investigated whether religiosity influences executives’ view of and contribution to CSR. Based on empirical research conducted among 473 executives, I find that traditional religiosity leads to a philanthropic orientation towards CSR and a significant higher contribution to CSR in terms of charity. Otherwise, I find that non-traditional religiosity leads to a financial orientation towards CSR and a significant higher contribution to CSR in terms of diversity.


Corrie Mazereeuw-van der Duijn Schouten
Dr. C. Mazereeuw-van der Duijn Schouten is bedrijfskundige (management van verandering) en algemeen directeur van een metaalverwerkingsbedrijf. Zij promoveerde in 2010 op een onderzoek naar de relatie tussen religie en maatschappelijk verantwoord ondernemen. cmvdds@gmail.com

Mr. M.J.C. van der Heijden LL.M. M.Phil
Mr. M.J.C. van der Heijden LL.M. M.Phil is verbonden aan het UD Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Toont 1 - 20 van 71 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.