Zoekresultaat: 47 artikelen

x
Jaar 2015 x
Jurisprudentie

Perikelen rondom artikel 4:25 lid 4 BW

Rb. Zeeland-West-Brabant 9 juli 2014, ECLI:NL:RBZWB:2014:5502 en Hof ’s-Hertogenbosch 4 december 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:5130

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2015
Trefwoorden wettelijke verdeling, wilsrecht, stiefkind, uitlegging, vruchtgebruik
Auteurs Prof. mr. W. Breemhaar
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden de complicaties besproken waartoe een beschikking van de kantonrechter in de Rechtbank Zeeland-West-Brabant omtrent de toepassing van artikel 4:25 lid 4 BW aanleiding geeft.


Prof. mr. W. Breemhaar
Prof. mr. W. Breemhaar is senior raadsheer in het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en bijzonder hoogleraar Bijzondere onderwerpen Notarieel recht aan de Universiteit van Amsterdam.
Jurisprudentie

De objectivering van de bevoordelingsbedoeling in het erfrecht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2015
Trefwoorden schenking/gift, bevoordelingsbedoeling, legitimaire massa, lijfrente, waardering
Auteurs Mr. F.W. Brans en Mr. Ph.A.J. Raaijmaakers
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de hand van twee uitspraken uit eigen praktijk wordt onderzocht welke omstandigheden een rol kunnen spelen bij de beoordeling of sprake is van een gift, hoe en waarop deze wordt gewaardeerd, of de legitimaire massa daarmee wordt vermeerderd en op welk wettelijk breukdeel daarvan de legitimaris aanspraak kan maken. Conclusie is dat wordt gekeken naar omstandigheden van vóór of tijdens het moment van de gestelde gift (‘objectief’). Omstandigheden van latere datum blijven in beginsel buiten beschouwing, ook als achteraf daaruit een wil of intentie tot bevoordelen kan worden herleid (‘subjectief’).


Mr. F.W. Brans
Mr. F.W. Brans is senior jurist bij AD Advocaten te Amsterdam.

Mr. Ph.A.J. Raaijmaakers
Mr. Ph.A.J. Raaijmaakers is advocaat bij AD Advocaten te Amsterdam.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2015
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort

Mr. E.M.A. van Amersfoort
Artikel

Een kwestie van integraal slim slaan?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2015
Trefwoorden elder abuse, financial exploitation, criminal investigation, all party approach, cases of prosecutionof financial abuse
Auteurs Drs. L.M. Cremers en Drs. E.J.H. de Kluijs
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the authors discuss the opportunities and challenges they experience from the criminal investigation of financial exploitation of the elderly. By sharing knowledge and experience, they stress that the all party approach in this distressing problem, from the viewpoint of criminal investigations, will achieve the best results. This article could thus be seen as a first step, and invitation, to discuss future interventions and policymaking on fighting the exploitation of the elderly to prevent, detect and investigate these crimes.


Drs. L.M. Cremers
Drs. Lucas Cremers MCI is als operationeel specialist werkzaam bij het Team Financieel Rechercheren van de politie Oost-Nederland.

Drs. E.J.H. de Kluijs
Drs. Esther de Kluijs is als operationeel specialist werkzaam bij het Team Financieel Rechercheren van de politie Oost-Nederland.
Artikel

Het levenstestament

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2015
Trefwoorden life will, power of attorney, protection of vulnerable adults, mental (in)capacity, ageing
Auteurs Mr. C.G.C. Engelbertink
SamenvattingAuteursinformatie

    A legal document appointing one or more people to help a person make decisions or to make decisions on the person’s behalf is a power of attorney (levenstestament). It is meant to be used in situations when illness prevents a person to make decisions that need to be made. In the levenstestament certain trusted people have been given the authority to manage money affairs, property and medical decisions on behalf of the ill person. The document is registered. The author argues that mental incapacity can also be temporarily or partially.


Mr. C.G.C. Engelbertink
Mr. Chanien Engelbertink is estate planner en (levens)executeur te Bussum.
Artikel

Access_open Theologie, universiteit en kerk

Over de discutabele positie van de theologie aan de Nederlandse universiteiten

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2015
Trefwoorden Theology, religious studies, theological faculties, ministry formation
Auteurs Dr. Gerrit Immink
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch universities founded in the 16th and 17th century were public state universities with theological faculties. During the 19th century the debate about the status of theology as an academic discipline resulted in the so-called duplex ordo arrangement: the public state university followed the design of religious studies and the ‘ecclesial chairs’ in the university (systematic and practical theology) followed a Christian perspective. In the last two decades a major shift has taken place: many faculties of theology were closed and new arrangements for the academic education of the ministry were created. This article describes these developments.


Dr. Gerrit Immink
Dr. F.G. Immink (1951) was van 1993-2006 kerkelijk hoogleraar Praktische theologie bij de Universiteit Utrecht. Van 2007-2014 was hij rector van de PThU. Tot 2016 is hij hoogleraar homiletiek op de vestiging Groningen.

    Some months after the German occupation of the Netherlands, the Reichskommissar inroduced a Germanlike system of collecting finances for the poor people, soon followd by an equal system of social work. These initiatives at the same time aimed at urge the national-socialistic ideology, as such dismissed by the society and the churches. The occupying authorities avoided a clash with the churches.


Dr. Ben Koolen
Dr. G.M.J.M. Koolen heeft een godsdiensthistorische achtergrond en publiceerde in dit tijdschrift een aantal casestudies over de verhouding tussen kerk en staat.
Artikel

Testamenten voor mensen met een beperking, in het bijzonder een verstandelijke handicap

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2015
Trefwoorden gehandicapten, legitieme portie, testament, Behindertentestament
Auteurs Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
SamenvattingAuteursinformatie

    Het nalaten aan een verstandelijk gehandicapt kind vereist bijzondere aandacht. Enerzijds willen ouders van een verstandelijk gehandicapt kind dat dit kind verzorgd achterblijft. Anderzijds willen zij doorgaans niet dat het na te laten vermogen ten goede komt aan een zorginstelling, of ‘geparkeerd’ wordt bij hun gehandicapte kind dat reeds een aanzienlijk vermogen heeft. In deze bijdrage wordt nader ingegaan op de mogelijkheden om te testeren in het kader van een verstandelijk gehandicapt kind.


Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin is als kandidaat-notaris verbonden aan Vrijthofnotarissen te Maastricht en als fellow verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2015
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort

Mr. E.M.A. van Amersfoort
Artikel

De Erfrechtverordening in een notendop: toepassingsgebied, toepasselijk recht en de Europese verklaring van erfrecht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Europese Erfrechtverordening, toepasselijk recht, Europese erfrechtverklaring, erfrecht, IPR
Auteurs Mr. J.G. Knot
SamenvattingAuteursinformatie

    IPR-vragen in nalatenschappen die op of na 17 augustus 2015 openvallen, worden in Nederland en de meeste andere EU-lidstaten beantwoord aan de hand van de regels uit de Erfrechtverordening. Dit artikel beoogt – in het kader van het onderhavige themanummer over de Erfrechtverordening – een overzicht te geven van de hoofdlijnen van deze verordening. Daarbij wordt onder meer ingegaan op het toepassingsgebied (welke onderwerpen regelt de verordening zoal en welke niet?) en het door de verordening als toepasselijk aangewezen erfrecht, zowel met als zonder rechtskeuze van de erflater. Ook wordt het in de verordening nieuw geïntroduceerde instrument van de Europese verklaring van erfrecht nader beschouwd.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij PlasBossinade advocaten en notarissen te Groningen.
Artikel

De Europese erfrechtverklaring, een vogel met een vreemd pluimage

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Europese Erfrechtverordening, IPR, erfrecht, Europese Erfrechtverklaring, vormvoorschriften, sui generis akte
Auteurs Mr. S.H. Heijning
SamenvattingAuteursinformatie

    De Europese Erfrechtverordening schept een nieuw instrument voor de afwikkeling van internationale nalatenschappen voor de Europese burgers: de Europese Erfrechtverklaring. In Nederland heeft de wetgever de notaris aangewezen die de verklaring gaat opstellen. In dit artikel wordt op de inhoud van de verklaring nader ingegaan aan de hand van een aantal vragen.


Mr. S.H. Heijning
Mr. S.H. Heijning heeft een adviesbureau Sabine Heijning ipr advies, verbonden aan het Notarieel Bureau, www.hetnb.nl, ipr@hetnb.nl.
Artikel

Oude rechtskeuzes: de Erfrechtverordening en het overgangsrecht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden IPR, Europese Erfrechtverordening, rechtskeuze, overgangsrecht, international erfrecht, erfrecht
Auteurs Mr. J.G. Knot
SamenvattingAuteursinformatie

    De Erfrechtverordening is van toepassing op grensoverschrijdende nalatenschappen die op of na 17 augustus 2015 openvallen. De verordening staat het toe ten aanzien van het toepasselijke erfrecht een rechtskeuze uit te brengen. De vraag rijst echter hoe volgens de verordening moet worden omgegaan met een reeds vóór 17 augustus 2015 uitgebrachte rechtskeuze. Deze overgangsrechtelijke vraag is met name in Nederland van belang, omdat de rechtskeuzemogelijkheden hier te lande voorheen ruimer waren dan onder de verordening. Daar staat dan weer tegenover dat de oude Nederlandse rechtskeuze alleen ten aanzien van de vererving van de nalatenschap gold en niet ten aanzien van de afwikkeling. In deze bijdrage wordt bezien welke oude Nederlandse rechtskeuzes onder de verordening geldig (kunnen) zijn en wat precies de werkingsomvang van deze oude rechtskeuzes is.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij PlasBossinade advocaten en notarissen te Groningen.
Artikel

De Europese erfrechtverklaring en het huwelijksvermogensrecht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Europese erfrechtverklaring, Huwelijksvermogensrecht, Internationaal privaatrecht, Bewijskracht
Auteurs Mr. J.L.D.J. Maasland
SamenvattingAuteursinformatie

    De Europese Erfrechtverordening is niet van toepassing op kwesties die verband houden met huwelijksvermogensrecht. De omvang en samenstelling van de nalatenschap van een gehuwde erflater wordt mede bepaald door het huwelijksvermogensregime. Tegen deze achtergrond dient in Bijlage III van de Europese erfrechtverklaring informatie over het huwelijksvermogensstelsel van de erflater te worden ingevuld. In deze bijdrage behandelt de auteur de vraag op basis van welk recht Bijlage III dient te worden ingevuld. Ook gaat hij in op de bewijskracht van Bijlage III van de erfrechtverklaring.


Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is kandidaat-notaris bij Bluelyn B.V. te Rotterdam en universitair gastdocent aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam.
Praktijk

Kroniek rechtspraak civiel recht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2015
Trefwoorden aansprakelijkheid, schending zorgplicht, schending toezichthoudende taken, integriteitsschade, smartengeld
Auteurs Mr. drs. M.J.J. de Ridder
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek worden in het kort de belangrijkste ontwikkelingen in de jurisprudentie besproken in de periode van 1 juni 2013 tot en met 1 juni 2015. Daarbij wordt eerst ingegaan op de diverse gronden waarop de aansprakelijkheid kan worden gebaseerd: schenden van de zorgplicht, ontoelaatbare gevaarzetting, onbevoegde uitoefening, schenden toezichthoudende taak/bijzondere zorgplicht, gebruik maken van een gebrekkige hulpzaak, niet nakomen protocol, het ontbreken van informed consent en bijzondere vormen van aansprakelijkheid. Voorts wordt ingegaan op het causaal verband en toerekening, in welk kader ook de ontwikkelingen op het gebied van de kansschade aan bod komen. Andere onderwerpen die in de kroniek worden besproken zijn: de omvang van de schadevergoedingen, onrechtmatige uitlatingen over de hulpverlener en het beroepsgeheim.


Mr. drs. M.J.J. de Ridder
Michel de Ridder is werkzaam als advocaat bij KBS Advocaten te Utrecht.
Artikel

Liefde met hindernissen

Over ongewenste relaties in het verleden

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2015
Trefwoorden marriage, partner choice, incest, homosexuality, cohabitation
Auteurs Prof. dr. J. Kok
SamenvattingAuteursinformatie

    This articles offers an overview of four centuries of ‘forbidden relations’ in The Netherlands. From the late sixteenth century onwards, the dominant Calvinist church tried to ‘purify’ the Dutch nation by persecuting all forms of fornication, adultery, incest, and sodomy. The French period (1795-1813) separated church and state, and removed several forms of forbidden relations from the penal code. But social control on relations remained intense. An ‘ideal’ marriage was based on equality of the spouses in terms of social background, religion and age. Parents as well as the local community made sure young people made the ‘right’ choice. Competition between religious groups intensified in the late nineteenth century and mixed marriages became even more problematic. In the 1960s and 1970s all this began to change, and many rules and norms regarding partner choice were relaxed. An example of the changes over time are unmarried cohabitations which transformed from a crime (sanctioned by banishment) to deviant behaviour (sanctions through withholding poor relief) to a more or less normative ‘trial marriage’.


Prof. dr. J. Kok
Prof. dr. Jan Kok is als hoogleraar Economische, Sociale en Demografische geschiedenis verbonden aan de Radboud Universiteit in Nijmegen.

Prof. mr. G.R. de Groot
Prof. mr. G.R. de Groot is hoogleraar van de capaciteitsgroep Privaatrecht van de Universiteit Maastricht.
Jurisprudentie

De wils(on)bekwame testateur/testatrice

HR 13 februari 2015, ECLI:NL:HR:2015:311, RvdW 2015/308

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2015
Trefwoorden uiterste wil, beschermingsbewind, wils(on)bekwaamheid
Auteurs Prof. mr. E.A.A. Luijten en Prof. mr. W.R. Meijer
Auteursinformatie

Prof. mr. E.A.A. Luijten
Prof. mr. E.A.A. Luijten is emeritus hoogleraar aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. mr. W.R. Meijer
Prof. mr. W.R. Meijer is hoogleraar Privaatrecht aan de Open Universiteit Nederland te Heerlen.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2015
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort

Mr. E.M.A. van Amersfoort
Article

Access_open Draagmoederschap naar Belgisch en Nederlands recht

Tijdschrift Family & Law, mei 2015
Auteurs Dr. Liesbet Pluym Ph.D.
Samenvatting

    Zowel in België als in Nederland komt draagmoederschap voor. Deze bijdrage heeft tot doel om de houding van de twee buurlanden ten aanzien van dit controversiële fenomeen te onderzoeken en te vergelijken.
    De wensouders en draagmoeders ervaren meerdere juridische obstakels. Zo blijkt in beide landen de draagmoederschapsovereenkomst niet geldig en evenmin afdwingbaar te zijn. Hoewel in Nederland de mogelijkheid bestaat om het ouderlijk gezag over te dragen van draagmoeder naar wensouders, is het ook daar, net zoals in België, allesbehalve evident om de band tussen kind en wensouders juridisch te verwezenlijken. Noch de oorspronkelijke, noch de adoptieve afstamming is aan het fenomeen aangepast. Vooral voor Nederland is dit vreemd aangezien de Nederlandse wetgeving uitdrukkelijk bepaalt onder welke voorwaarden medisch begeleid draagmoederschap toegelaten is. De wet schept met andere woorden een gezondheidsrechtelijk kader, maar regelt niet de gevolgen van het draagmoederschap. In België is er daarentegen geen enkele wetgeving betreffende draagmoederschap. Dit betekent dat de onaangepaste wetgeving betreffende medisch begeleide voortplanting van toepassing is op draagmoederschap. Over deze toepassing en de gevolgen ervan bestaat evenwel onduidelijkheid. Commercialisering van draagmoederschap leidt ook tot problemen. In Nederland is professionele bemiddeling en het openbaar maken van vraag en aanbod met betrekking tot draagmoederschap strafbaar gesteld. Daarnaast kunnen de omstandigheden van een zaak waarin het kind als het ware verkocht wordt aan de wensouders zowel in België als in Nederland leiden tot andere misdrijven. Gelet op dit alles begeven sommige wensouders zich naar het buitenland om daar beroep te doen op draagmoederschap. Wensen zij terug te keren met het kind naar het land van herkomst, dan leidt dit in beide buurlanden tot internationaalprivaatrechtelijke problemen.
    Door het gebrek aan een algemeen wettelijk kader, is het draagmoederschapsproces in beide landen vaak een calvarietocht. Dit leidt tot rechtsonzekerheid. Oproepen tot een wettelijk ingrijpen bleven tot nu toe echter onbeantwoord.
    Surrogacy is practiced in Belgium and the Netherlands. The aim of this contribution is to compare the many legal aspects of the phenomenon. In both countries legal problems surround surrogacy: the surrogacy contract is unenforceable; it is difficult for the intended parents to become the legal parents; commercial surrogacy can result in criminal sanctions and cross-border surrogacy leads to limping legal relations. The main differences between the two legal systems are that in Belgium there is no regulation at all, while in the Netherlands, professional mediation and advertising in surrogacy are explicitly forbidden and Dutch law provides a limited health law regulation. In both countries scholars have pressed the need for legal change.


Dr. Liesbet Pluym Ph.D.
Artikel

Toerekening van giften door een in de wettelijke gemeenschap van goederen gehuwde schenker

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2015
Trefwoorden giften, huwelijksvermogensrecht, legitieme portie, inbreng van giften, schenk- en erfbelasting
Auteurs Mr. J.L.D.J. Maasland
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 21 oktober 2014 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden een arrest gewezen over de toerekening van giften, die worden gedaan door een schenker die in de wettelijke gemeenschap van goederen is gehuwd. In deze bijdrage bespreekt de auteur het arrest en de implicaties hiervan voor de toerekening van giften in het kader van de legitieme portie en inbreng in de nalatenschap. Ook bespreekt de auteur de fiscale behandeling van giften die worden gedaan door een schenker die in de wettelijke gemeenschap van goederen is gehuwd.


Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is partner bij Bluelyn te Rotterdam en universitair gastdocent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Toont 1 - 20 van 47 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.