Zoekresultaat: 20 artikelen

x
Jaar 2012 x

E. Dewitte
E. Dewitte is assistent aan het Instituut voor Goederenrecht, Katholieke Universiteit Leuven, Kulak.

V. Sagaert
V. Sagaert is hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Leuven en Universiteit Antwerpen en directeur van het Instituut voor Goederenrecht van de Katholieke Universiteit Leuven.
Jurisprudentie

Collectieve actie/massaschade

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2012
Trefwoorden ADR, class action, class arbitration
Auteurs Prof. mr. E. Hondius
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze kroniek signaleert enige nieuwe uitgaven en een drietal congressen op het gebied van class actions. De boeken zijn de Gentse dissertatie van Stefaan Voet, een bundel over de rechtseconomische aspecten van class actions onder redactie van Jürgen Backhaus, Alberto Cassone en Giovanni Ramello, en het boek Mass justice onder redactie van Jenny Steele en Willem van Boom. Deze zomer waren aan dit onderwerp in ons land voorts drie bijeenkomsten gewijd: een vergadering van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht te Amsterdam, een workshop aan het Netherlands Institute for Advanced Studies te Wassenaar en een inaugurele rede aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Uit een rede van de eurocommissaris voor Justitie kan evenwel worden afgeleid dat er op Europees niveau thans geen class action zal komen.


Prof. mr. E. Hondius
Mr. E. Hondius is hoogleraar Europees privaatrecht aan de Universiteit Utrecht.
Praktijk

Uitkeren aan aandeelhouders, (hoe) kunnen we dat doen?

Een overzicht na afsluiting van een rumoerig wetgevingsproces

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2012
Trefwoorden FlexBV, artikel 2:216 BW, uitkeren aan aandeelhouders, crediteurenbescherming
Auteurs Mr. I.C.P. Groenland
SamenvattingAuteursinformatie

    Een van de onderwerpen uit de FlexBV wetgeving die op 1 oktober 2012 van kracht is geworden en waar sinds de aanvang van het wetgevingsproces het meest over is geschreven, zijn de uitkeringen aan aandeelhouders. De aanpassing van artikel 216 wordt door de regering beschouwd als basis voor een evenwichtig systeem van crediteurenbescherming. Toch bleek het vinden van draagvlak voor de regeling omtrent uitkeringen een hele dobber. Sinds 1 oktober 2012 hebben we te maken met het nieuwe artikel 2:216 BW bij uitkeringen aan aandeelhouders. De regels veranderen, maar naar inschatting van de auteur verandert voor de meeste vennootschappen het speelveld niet ingrijpend. Een kritiekpunt van de auteur is dat hoewel de striktere formulering van de verhouding tussen aandeelhoudersvergadering en bestuur aansluit bij de gangbare opvattingen over corporate governance, de vastlegging in een dwingendrechtelijke regeling niet zo wenselijk is. Een ruimer kader voor afwijking van de gekozen wettelijke systematiek was wenselijk geweest voor de praktijk.


Mr. I.C.P. Groenland
Mr I.C.P. Groenland is kandidaat-notaris bij Loyens & Loeff N.V. te Rotterdam.
Praktijk

Kartels en concernverhoudingen: extra zorgplicht voor moeders?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2012
Trefwoorden kartelinbreuk, toerekening, boete, concernverhoudingen, mededingingsrecht
Auteurs Mr. S.G.J. Smallegange en mr. L.L. Bremmer
SamenvattingAuteursinformatie

    Een boete voor een kartelinbreuk van een dochteronderneming kan aan een moedermaatschappij worden toegerekend als zij een economische eenheid vormen en de moeder een beslissende invloed uitoefent. De Europese Commissie gaat hierbij uit van een weerlegbaar vermoeden als de moeder 100% van het kapitaal bezit, waarbij de moeder het bewijs moet aandragen dat zij geen beslissende invloed heeft gehad op de dochter. Hoe zit dat bij andere posities van moedermaatschappijen? Bij de beoordeling kijkt de Commissie naar de feiten en omstandigheden van het geval. Overlap in besturen, management en zelfs negatieve zeggenschap kunnen beslissende invloed creëren. De moeder doet er daarom goed aan – voordat zij wordt geconfronteerd met een overtreding – inzichtelijk te hebben of zij als een economische eenheid gezien wil worden.


Mr. S.G.J. Smallegange
Mr. S.G.J. Smallegange is als advocaat werkzaam bij de vakgroep Europees en Mededingingsrecht AKD te Brussel.

mr. L.L. Bremmer
Mr. L.L. Bremmer is als advocaat werkzaam bij de vakgroep Europees en Mededingingsrecht AKD te Brussel.

    This article deals with employee board-level representation (EBLR) in the case of a cross-border merger. Article 16 CBM Directive (Tenth Directive 2005/56/EC) contains a provision to preserve this form of employee participation on national level. One of the fundamental principles of this article is the so called 'before and after principle'. This means that a cross-border merger may not be used to escape from already existing rights on employee participation. This article discusses the role of article 16 CBM Directive in the context of Dutch company law from the point of view of this fundamental principle. I will focus on two aspects: (i) the application of the said article and (ii) the embedding thereof in Dutch company law. This will lead to the conclusion that article 16 CBM Directive does not always protect what it should protect according to its objectives.


mr. Femke Laagland
Artikel

VALE: grensoverschrijdende omzetting in het verlengde van Cartesio

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2012
Trefwoorden grensoverschrijdende omzetting, zetelverplaatsing, Cartesio, Europese Unie
Auteurs Mr. W.J.T. de Jonge
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het onlangs gewezen VALE-arrest en de mogelijkheden die dit arrest schept met betrekking tot grensoverschrijdende omzettingen binnen de Europese Unie.


Mr. W.J.T. de Jonge
Mr. W.J.T. de Jonge is kandidaat-notaris bij Allen & Overy te Amsterdam.
Casus

Verbintenissen en verplichtingen in het vennootschapsrecht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2012
Trefwoorden vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht, verplichtingen van verbintenisrechtelijke aard, art. 2:192 BW, verplichtingen aandeelhouders
Auteurs Prof. mr. J.B. Huizink
SamenvattingAuteursinformatie

    In het nieuwe art. 2:192 BW uit de Wet vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht staat onder meer dat de statuten met betrekking tot alle aandelen of aandelen van een bepaalde soort of aanduiding kunnen bepalen dat verplichtingen van verbintenisrechtelijke aard, jegens de vennootschap of een derde of tussen aandeelhouders, aan het aandeelhouderschap zijn verbonden. De woorden ‘verplichtingen van verbintenisrechtelijke aard’ behoeven een nadere toelichting en worden in deze bijdrage geanalyseerd. De conclusie is dat art. 2:192 BW zich niet uitstrekt tot verplichtingen van niet-vermogensrechtelijke aard.


Prof. mr. J.B. Huizink
Prof. mr. J.B. Huizink is hoogleraar Ondernemingsrecht aan de Vrije Universiteit te Amsterdam en verbonden aan het Zuidas Instituut voor Financieel recht en Ondernemingsrecht (ZIFO).
Artikel

Het toepasselijk recht op arbeidsovereenkomsten in de zeevaart

Een commentaar op HvJ EU 15 december 2011, zaak C-384/10, Voogsgeerd/Navimer

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2012
Trefwoorden toepasselijk recht/EVO, plaats waar de arbeid gewoonlijk wordt verricht, vestiging van de werkgever, hiërarchie van aanknopingsfactoren, toerekenen van overeenkomst aan bepaald concernonderdeel
Auteurs Prof. dr. A.A.H. van van Hoek
SamenvattingAuteursinformatie

    Na het arrest Koelzsch (zaak C-29/10) bevat het onderhavige arrest opnieuw een uitleg van artikel 6 van het Europees Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (EVO). Het Hof van Justitie continueert in belangrijke mate de lijn ingezet in het eerdere arrest. Het belang van deze uitspraak schuilt in (1) de toepassing van de eerder ontwikkelde criteria voor het bepalen van de gewone werkplek op een arbeidsverhouding in de zeevaart en (2) de nadere uitleg die wordt gegeven aan de aanknoping aan de vestiging die de werknemer in dienst heeft genomen.


Prof. dr. A.A.H. van van Hoek
Prof. dr. A.A.H. van Hoek is hoogleraar IPR en burgerlijk procesrecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

De aandeelhoudersovereenkomst in relatie tot de vennootschap

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 7/8 2012
Trefwoorden aandeelhoudersovereenkomst, vennootschapsrechtelijke doorwerking, afdwingbaarheid, noodzaakfinanciering, flex-BV
Auteurs Mr. W.B. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur in hoeverre de vennootschap gebonden is aan wat in de aandeelhoudersovereenkomst is afgesproken. Hierbij wordt tevens aandacht besteed aan de gevolgen van het al dan niet meetekenen van de overeenkomst door de vennootschap.


Mr. W.B. Meijer
Mr. W.B. Meijer is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

De positie van de statutair bestuurder in een notendop

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 7/8 2012
Trefwoorden statutair bestuurder, dubbele rechtsbetrekking, benoeming, arbeidsovereenkomst, ontslag
Auteurs Mr. E.W.M. Heyman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur, mede naar aanleiding van de aanstaande invoering van de Wet bestuur en toezicht, hoe de positie van de statutair bestuurder ten opzichte van de vennootschap ook alweer in elkaar zit.


Mr. E.W.M. Heyman
Mr. E.W.M. Heyman is advocaat ten kantore van Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

OPTA: klem tussen CBb en Commissie? Over regulering, onmacht en overmacht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden voorrang Unierecht, tariefregulering, CBb, OPTA, bevoegdheid Commissie
Auteurs Mr. J.F.A. Doeleman
SamenvattingAuteursinformatie

    Telecomtoezichthouder OPTA stelt elke drie jaar plafonds vast voor bepaalde groothandelstarieven. Voor de berekening van deze plafonds hanteert OPTA een door de Commissie aanbevolen methode. Het laatste besluit – voor de periode juli 2010 tot juli 2013 – werd in augustus 2011 door het CBb vernietigd. De rechter voorzag deels zelf in de zaak en droeg OPTA voor het overige op vóór 1 januari 2012 een herstelbesluit te nemen waarin de betrokken tariefplafonds volgens een andere dan de door de Commissie aanbevolen methode werden berekend. De Commissie verhindert dat nu met een ‘standstill’. OPTA moet van het CBb rechtsaf, maar de Commissie wil dat zij linksaf gaat. Een toezichthouder tussen Scylla en Charybdis.


Mr. J.F.A. Doeleman
Mr. J.F.A. Doeleman is advocaat te Amsterdam (Houthoff Buruma).
Artikel

Aandeelhouders en het vennootschappelijk belang

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 6 2012
Trefwoorden aandeelhouders, vennootschappelijk belang, PCM, Ondernemingskamer
Auteurs Mr. H.K. Schrama
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage behandelt de auteur aan de hand van (onder meer) jurisprudentie van de Ondernemingskamer in hoeverre aandeelhouders het vennootschappelijk belang als toetssteen in hun handelen moeten betrekken.


Mr. H.K. Schrama
Mr. H.K. Schrama is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Onrechtmatigheid in de relatie aandeelhouder-crediteur

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden art. 6:162 BW, aandeelhoudersaansprakelijkheid, bijzondere zorgplicht, doorbraak van aansprakelijkheid
Auteurs Mr. M.W.H. van den Heuvel
SamenvattingAuteursinformatie

    Een aandeelhouder kan op grond van art. 6:162 BW aansprakelijk zijn voor de schade van de crediteuren van de vennootschap in wier kapitaal hij aandelen houdt. Hierbij gaat het meestal om aanzienlijke bedragen. Het is voor hem dan ook belangrijk om te weten onder welke omstandigheden hij het risico loopt onrechtmatig te handelen tegenover de crediteuren. Deze bijdrage zet een aantal van die omstandigheden op een rij.


Mr. M.W.H. van den Heuvel
Mr. M.W.H. van den Heuvel is advocaat bij Allen & Overy te
Artikel

Uitkoopprocedure na openbaar bod: de 95%- en 90%-drempel nader belicht

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 5 2012
Trefwoorden uitkoop, Crucell, openbaar bod, drempel, billijke prijs
Auteurs Mr. P.M. Thissen
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van het recente arrest van de Ondernemingskamer inzake Crucell N.V. bespreekt de auteur in deze bijdrage de verschillende kenmerken van de uitkoopprocedure na openbaar bod. Hierbij zal zij met name ingaan op de procentuele drempels uit artikel 2:359c BW en zal de vraag aan de orde komen of de Ondernemingskamer de 95%- en 90%-drempel in het Crucell-arrest op de juiste wijze heeft berekend.


Mr. P.M. Thissen
Mr. P.M. Thissen is werkzaam als advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

    In deze bijdrage gaat de auteur in op de vraag of een gefaciliteerde fusie in de zin van artikel 2:333 BW mogelijk is indien een van de fuserende vennootschappen aandelen in haar eigen kapitaal houdt.


mr. B.P. Buirma
Mr. B.P. Buirma is werkzaam als kandidaat-notaris bij Stibbe, Amsterdam.

Prof. dr. M. Lückerath-Rovers
Prof. dr. M. Lückerath-Rovers is hoogleraar Corporate Governance aan de Nyenrode Business Universiteit en lid van de redactie van Tijdschrift voor Toezicht.
Artikel

Introductie van een meldingsplicht voor synthetische kapitaalbelangen in uitgevende instellingen per 1 januari 2012

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 1 2012
Trefwoorden synthetische belangen, delta adjusted, meldingsplicht, drempelwaarde, cash settled
Auteurs Mr. Ico Jalink
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de wijziging van de Wet op het financieel toezicht in verband met de introductie van een meldingsplicht voor bepaalde cash settled instrumenten. Tevens wordt de door de AFM aangekondigde ‘beleidsregel aangaande de methodiek voor het berekenen van aandelen waarop financiële instrumenten betrekking hebben en de meldingsplicht bij indices en mandjes’ besproken. De auteur plaatst na een bespreking van de meldingsregeling voor cash settled instrumenten in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Frankrijk een kanttekening bij de keuze van de AFM voor een delta adjusted calculatiemethode.


Mr. Ico Jalink
Mr. Ico Jalink is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

Winstreservering door meerderheidsaandeelhouders en de grenzen van artikel 2:8 BW

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 1 2012
Trefwoorden winstreservering, meerderheidsaandeelhouder, minderheidsaandeelhouder, redelijkheid en billijkheid, artikel 2:15 BW
Auteurs Mr. M. Schönau
SamenvattingAuteursinformatie

    In welke gevallen is een besluit van een meerderheidsaandeelhouder tot dividendreservering in strijd met de eisen van de redelijkheid en billijkheid van artikel 2:8 BW? In deze bijdrage bespreekt de auteur het arrest van het Hof Amsterdam inzake VEB c.s./KLM c.s. van 15 november 2011 en plaatst dit binnen het kader van de bestaande jurisprudentie van de gewone rechter en de Ondernemingskamer op het gebied van dividendbeleid.


Mr. M. Schönau
Mr. M. Schönau is werkzaam als advocaat bij Stibbe.
Artikel

Planning met de personenvennootschap (II)

Voorlopig geen werk aan de winkel!?

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 24 2012
Trefwoorden schenking
Auteurs


Artikel

Blokkeringsregeling à la carte vanaf 1 oktober a.s.

Invoering flexibele BV wetgeving

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 26 2012
Trefwoorden testament
Auteurs Mr. dr. H. koster

Mr. dr. H. koster
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.