Zoekresultaat: 49 artikelen

x
Jaar 2015 x
Artikel

Drieluikherstelbemiddeling bij seksueel misbruik, een symbiose van erkenning en financiële genoegdoening

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2015
Trefwoorden seksueel misbruik, herstelbemiddeling, Rooms-Katholieke Kerk, erkenning, financiële genoegdoening
Auteurs Mr. dr. L.P.M. Klijn
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit de contacten met slachtoffers van seksueel misbruik binnen kerkelijk verband werd duidelijk dat zij andere behoeften hadden dan enkel schadevergoeding. Met name omdat in het verleden het misbruik was ontkend of was genegeerd, bleek vooral erkenning belangrijk. Hiervoor is het nodig dat partijen tot elkaar worden gebracht. Enkel toekennen van schadevergoeding via een schadevergoedingsprocedure is daarvoor niet een passende remedie, want die brengt partijen eerder tegenover elkaar dan tot elkaar. Samen met slachtoffers is gezocht naar een weg waarbij erkenning en schadevergoeding zo konden worden gebundeld dat het een niet ten koste van het ander ging. Dat leidde tot de (door)ontwikkeling van de drieluikherstelbemiddeling. Daarover gaat dit artikel.


Mr. dr. L.P.M. Klijn
Mr. dr. L.P.M. Klijn is werkzaam als specialist klachtrecht en compensatie bij seksueel misbruik bij KZO|013 Advocaten te Tilburg.
Jurisprudentie

Privaatrechtelijke handhaving door de Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2015
Trefwoorden Privaatrechtelijke handhaving, Sociale partners, Uitzendsector, Schadevergoeding, Boetebeding
Auteurs Mr. dr. M. Kullmann
Auteursinformatie

Mr. dr. M. Kullmann
Mr. dr. M. Kullmann is universitair docent Sociaal recht aan de Universiteit van Maastricht.
Casus

Remedies bij inbreuken op garanties in overnamecontracten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Garantie, Non-conformiteit, Remedies, Schadevergoeding, SPA
Auteurs Prof. mr. R.J. Tjittes
Auteursinformatie

Prof. mr. R.J. Tjittes
Prof. mr. Rieme-Jan Tjittes is advocaat en partner bij BarentsKrans, hoogleraar Privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en redacteur van dit blad.
Artikel

De hervorming van het Franse verbintenissenrecht: le renouveau de la grande dame

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Hervorming, Verbintenissenrecht, Contractenrecht, Algemeen, Frankrijk/België
Auteurs Dr. S. Jansen
Auteursinformatie

Dr. S. Jansen
Sanne Jansen is postdoctoraal onderzoeker (en aspirant van het FWO-Vlaanderen) aan het Instituut voor Verbintenissenrecht, afdeling Privaatrecht, KU Leuven.
Casus

Enkele gedachten over de arbeidsovereenkomst in het concern

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2015
Trefwoorden arbeidsovereenkomst, concern, werknemer
Auteurs Prof. dr. R.M. Beltzer
SamenvattingAuteursinformatie

    De werknemer in het concern heeft veelal niet alleen te maken met degene met wie hij de arbeidsovereenkomst ondertekende, maar ziet zich tevens geconfronteerd met allerhande ‘derden’ die direct of indirect hun invloed uitoefenen op de arbeidsovereenkomst. Denk aan de situatie dat de werkgever niet meer in staat is het loon te betalen omdat de moedervennootschap al haar leningen heeft opgeëist. Een ander concernonderdeel kan zelfs in het geheel niet als derde worden ervaren, bijvoorbeeld in de veelvoorkomende situatie dat de werknemer binnen een concern feitelijk permanent werkt binnen een andere vennootschap dan die waarmee hij de arbeidsovereenkomst sloot. De centrale vraag van de auteur is of het recht voldoende rekening houdt met de arbeidsovereenkomst binnen het concern.


Prof. dr. R.M. Beltzer
Prof. dr. R.M. Beltzer is hoogleraar Arbeid & Onderneming aan de Universiteit van Amsterdam.
Jurisprudentie

De objectivering van de bevoordelingsbedoeling in het erfrecht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2015
Trefwoorden schenking/gift, bevoordelingsbedoeling, legitimaire massa, lijfrente, waardering
Auteurs Mr. F.W. Brans en Mr. Ph.A.J. Raaijmaakers
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de hand van twee uitspraken uit eigen praktijk wordt onderzocht welke omstandigheden een rol kunnen spelen bij de beoordeling of sprake is van een gift, hoe en waarop deze wordt gewaardeerd, of de legitimaire massa daarmee wordt vermeerderd en op welk wettelijk breukdeel daarvan de legitimaris aanspraak kan maken. Conclusie is dat wordt gekeken naar omstandigheden van vóór of tijdens het moment van de gestelde gift (‘objectief’). Omstandigheden van latere datum blijven in beginsel buiten beschouwing, ook als achteraf daaruit een wil of intentie tot bevoordelen kan worden herleid (‘subjectief’).


Mr. F.W. Brans
Mr. F.W. Brans is senior jurist bij AD Advocaten te Amsterdam.

Mr. Ph.A.J. Raaijmaakers
Mr. Ph.A.J. Raaijmaakers is advocaat bij AD Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Het voorontwerp van de implementatiewet richtlijn privaatrechtelijke handhaving mededingingsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2015
Trefwoorden privaatrechtelijke handhaving, Europees mededingingsrecht, schadevergoeding, inbreuk op het mededingingsrecht
Auteurs Mr. dr. E.J. Zippro
SamenvattingAuteursinformatie

    Het voorontwerp van de implementatiewet richtlijn privaatrechtelijke handhaving mededingingsrecht is ter consultatie gepubliceerd. Het voorontwerp strekt tot omzetting van de richtlijn privaatrechtelijke handhaving mededingingsrecht. In deze bijdrage bespreekt de auteur aan de hand van het voorontwerp de voorgestelde wijzigingen in het BW en Rv.


Mr. dr. E.J. Zippro
Mr. dr. E.J. Zippro is advocaat bij ZIPPRO & MEIJER Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Ontbinding of opzegging van de huurovereenkomst wegens wanbetaling

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Huurovereenkomst, Huur woonruimte, Beëindiging wegens huurachterstand, Drie maanden
Auteurs Mr. W.J. Noordhuizen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deel 12 van de Studiereeks Nederlands-Antilliaans en Arubaans Recht (SNAAR), over het Nederlands-Caribisch huurrecht, werd opgemerkt dat een huurachterstand van ten minste drie maanden, waarbij op korte termijn geen concreet zicht bestaat op volledige afbetaling van het openstaande bedrag, doorgaans voldoende is om de huur te beëindigen. Een dergelijke vooropstelling komt men in de rechtspraak wel tegen. In de praktijk kan het door de verschillende procedures die aan ontruiming voorafgaan (doorgaans) meer dan drie maanden duren voordat de verhuurder weer over de woonruimte kan beschikken. Tijdens het wetgevingsproces zijn daarover in Sint Maarten vragen gesteld. Waar komt die driemaandentermijn vandaan? En is die (nog) wel gerechtvaardigd?


Mr. W.J. Noordhuizen
Mr. W.J. Noordhuizen is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie en als zodanig werkzaam bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba. Het artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Beklemd tussen het recht en de feiten

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 5 2015
Trefwoorden rechtsontwikkeling, rechtsbescherming, civiele kamer, feitenrechtspraak, framing
Auteurs Prof. mr. A. Hammerstein
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt gesteld dat rechtsontwikkeling en rechtsbescherming hand in hand gaan en de cassatierechter daardoor soms in de knel raakt tussen het recht en de feiten.


Prof. mr. A. Hammerstein
Prof. mr. A. Hammerstein is waarnemend Advocaat-generaal bij de Hoge Raad.

    Hoe zou het toch komen dat feitenrechters al zo vaak zijn teruggeroepen door de Hoge Raad omdat ze te streng zijn geweest bij de beoordeling of een schriftelijke mededeling van de schuldeiser kan worden aangemerkt als een stuitingsbrief in de zin van art. 3:317 BW? Die vraag staat in deze bijdrage centraal.


Mr. E.M. van Orsouw
Mr. E.M. van Orsouw is partner bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Artikel

Het procedurele mijnenveld van het ontslag op staande voet

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Ontslag op staande voet, Wwz, Kort geding, Voorwaardelijke ontbinding, Samenloop
Auteurs Mr. dr. F.G. Laagland

Mr. dr. F.G. Laagland

    zorgverzekeraar, aanbestedende dienst

Artikel

Kunnen twee sets algemene voorwaarden cumulatief van toepassing zijn?

Over het verschil tussen een alternatieve dubbele verwijzing (Visser/Avéro-regel) en een cumulatieve dubbele verwijzing (Haviltex-regel) naar aanleiding van ForFarmers/Doens

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2015
Trefwoorden algemene voorwaarden, toepasselijkheid, alternatieve (dubbele) verwijzing, cumulatieve (dubbele) verwijzing, toepasselijkheid meerdere sets algemene voorwaarden
Auteurs Mr. S.M. Lankhaar en Mr. dr. E.-J. Zippro
SamenvattingAuteursinformatie

    In Visser/Avéro oordeelde de Hoge Raad dat in een geval waarin twee sets algemene voorwaarden alternatief van toepassing zijn verklaard (‘óf-óf’), geen van deze sets deel uitmaakt van de overeenkomst indien niet is aangegeven welke van de sets in het gegeven geval van toepassing zal zijn. In ForFarmers/Doens heeft de Hoge Raad de vraag beantwoord of de Visser/Avéro-regel ook van toepassing is bij een cumulatieve dubbele verwijzing (‘én-én’).


Mr. S.M. Lankhaar
Mr. S.M. Lankhaar is als stafjurist verbonden aan de Rechtbank Rotterdam, afdeling Privaatrecht (Haven en handel).

Mr. dr. E.-J. Zippro
Mr. dr. E.-J. Zippro is advocaat bij ZIPPRO & MEIJER Advocaten te Amsterdam.

Mr. J. de Boer
Mr. J. de Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof.

Dr. C. Bollen
Dr. C. Bollen is wetenschappelijk hoofdmedewerker Privaatrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Aruba en tevens decaan van deze faculteit.

    Dit is een verslag van het symposium over de knelpunten van de invoering van de beperkte gemeenschap van goederen, dat op 22 mei 2015 aan de Universiteit Utrecht werd gehouden. Het wetsvoorstel houdt - kort samengevat - in, dat voorhuwelijks vermogen, erfenissen en giften niet langer in de huwelijksgoederengemeenschap vallen. Op dit symposium werd het wetsvoorstel besproken en de daarop gerichte kritiek samengevat in 4 knelpunten. Ook werd het wetsvoorstel in internationaal perspectief geplaatst door sprekers uit Duitsland, Zweden en België. In internationaal opzicht is de algehele gemeenschap uniek en zowel in binnen- als buitenland wordt zij als ouderwets beschouwd.
    Als probleem van het voorgestelde stelsel wordt ervaren dat men tijdens het huwelijk geen administratie bijhoudt en dat dat bij de afwikkeling na ontbinding problemen gaat opleveren. Echter, het huidige bewijsvermoeden, zoals dat is neergelegd in art. 1:94 lid 6 BW, blijft van kracht in het wetsvoorstel. De zaaksvervangingsregel van 1:95 lid 1 BW wordt ook gehandhaafd. Besproken is de Belgische oplossing voor mogelijke problemen, inhoudende dat een goed dat voor meer dan de helft van de prijs uit eigen vermogen is gefinancierd alleen dan buiten de gemeenschap valt als partijen dat verklaren bij notariële akte.
    Het wetsvoorstel geeft een regeling om de echtgenoot mee te laten profiteren van het ondernemingsvermogen dat de ander buiten de gemeenschap opbouwt. De moeilijkheid hierbij is hoe de vergoeding jegens de niet-werkende echtgenoot berekend moet worden. Ten slotte is in het nieuwe wetsvoorstel geprobeerd tegemoet te komen aan het probleem dat een echtgenoot geconfronteerd wordt met schuldeisers van de andere echtgenoot. Om dit te bereiken zijn art. 1:96 BW en art. 61 Fw gewijzigd met als gevolg dat de positie van de schuldeiser tot normale proporties wordt teruggebracht.
    Een grote meerderheid van de aanwezigen bleek positief te zijn over het nieuwe wetsvoorstel: ongeveer 90 procent was voor invoering in Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
    This is a conference report on a symposium held at the University of Utrecht on the 22nd of May on the legislative proposal for the introduction of a limited community of property in the Netherlands. The legislative proposal entails – in a nutshell – that pre-matrimonial property, inheritances and gifts no longer form a part of the community of property. During this symposium, the legislative proposal was discussed and the critique was summarized into four key issues. The legislative proposal was also placed in an international perspective by speakers from Germany, Sweden and Belgium. In the international perspective the Dutch community of property regime is unique and it is regarded as outdated in both the Netherlands and abroad. In the proposed new regime it is considered that spouses do not keep an administration of their assets during their marriage, which can cause problems after dissolution of the community. However, the rebuttal presumption of Article 1:94 para. 6 Dutch Civil Code, is upheld in the new proposal. The current rule of substitution as stated in Article 1:95 Dutch Civil Code is also maintained. The Belgian solutions to possible difficulties is discussed, in which property is only excluded from the community of property when more than half of the price has been financed by personal assets and this is declared in a notarial deed.Furthermore, the legislative proposal allows the non-working spouse to share in the profits of the business assets acquired by the work of the other spouse which are built up outside the community. The remaining difficulty is how the reimbursement claim should be calculated. Lastly, the legislative proposal attempts to prevent a spouse from being confronted by creditors of the other spouse. In order to achieve this, Article 1:96 Dutch Civil Code and Art. 61 Insolvency Law are amended in such a way that the position of the creditor is brought back tonormal proportions.A great majority of those present appeared to be positive about the legislative proposal; 90 percent voted in favour of incorporating it into Book 1 of the Dutch Civil Code.


Bas Legger
Bas Legger is student Notarial and Civil Law at the University of Groningen.

Tiddo Bos
Tiddo Bos is research master student Notarial and Civil Law at the University of Groningen.
Casus

Contracteren met auteurs

Omgaan met exclusiviteit, disproportionaliteit en toekomstige en voldoende exploitatie

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2015
Trefwoorden Auteurscontractenrecht, Vergoeding, Exploitatie, Disproportionaliteit, Niet-gebruik
Auteurs Prof. mr. D.J.G. Visser
Auteursinformatie

Prof. mr. D.J.G. Visser
Prof. mr. D.J.G. Visser is hoogleraar in Leiden en advocaat in Amsterdam. De auteur is dank verschuldigd aan mw. mr. J.A. Schaap en mw. dr. mr. A. de Hingh voor commentaar op een eerdere versie van dit artikel. Voor de voorbeelden uit lagere Duitse rechtspraak is hij dank verschuldigd aan Roman van der Boom, die zijn scriptie schreef over de nieuwe iustum pretium in het auteursrecht met een rechtsvergelijking met Duitsland.
Praktijk

Pas als hij het zegt!

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2015
Trefwoorden Precontractuele goede trouw, Afgebroken onderhandelingen, Voorbehoud, Ontbindende voorwaarde, Toedoen
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Auteursinformatie

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Toont 1 - 20 van 49 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.