Zoekresultaat: 27 artikelen

x
Jaar 2010 x
Artikel

De bruid van Frankenstein

Dwarsboomt mensenrechtenrechtspraak de prille romance van de Belgische strafprocedure met het herstelrecht?

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden restorative justice, human rights, criminal procedure, guarantees
Auteurs Joost Huysmans en Frank Verbruggen
SamenvattingAuteursinformatie

    The authors discuss the space that can be found for restorative justice in decisions on human rights issues in the criminal procedure by the European Court of Human Rights, based on par. 6 of the European Convention on Human Rights. There is room for restorative justice because the court accepts the waiver of the procedural rights and safeguards by the defendant, provided that he does so completely voluntarily, after being fully informed, and provided that there is no important public interest that stands in the way of out-of-court settlements. The alternative procedure to a full dressed criminal trial should, in addition, live up to such standards that the procedure can be judged fair. Pressures on avoiding unreasonable delay and legal counseling necessary to fully inform the defendant about his options can lead to a formalization of restorative procedures which can be a threat to the merits of restorative justice.


Joost Huysmans
Joost Huysmans is als penalist verbonden aan het Instituut voor Strafrecht van de Katholieke Universiteit Leuven.

Frank Verbruggen
Frank Verbruggen is als penalist verbonden aan het Instituut voor Strafrecht van de Katholieke Universiteit Leuven.
Artikel

Mensenrechtelijk georiënteerd manspersoon zoekt vrouw, liefst herstelrechtelijk georiënteerd

Een reactie op Joost Huysmans en Frank Verbruggen

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden restorative justice, human rights, criminal procedure, guarantees
Auteurs Renée Kool
SamenvattingAuteursinformatie

    The author responds to Huysmans and Verbruggen by stressing the importance of recognizing that the criminal procedure has aims, which are entirely different from the aims of restorative procedures. If things can be so arranged that the criminal justice system provides for a structural place and use of restorative procedures, these should and could be guided by different rights and safeguards, which fit and reinforce the different aims of restorative justice and promote their justice qualities. Initial legal studies to develop suitable procedural rights and safeguards for restorative justice have been produced and should be elaborated upon.


Renée Kool
Renée Kool is hoofddocent straf(proces)recht, verbonden aan het Willem Pompe Instituut van de Juridische Faculteit, Universiteit Utrecht.
Artikel

De implementatie van dader-slachtofferbemiddeling in België

Zoektocht naar functionele en structurele randvoorwaarden

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden restorative justice, implementation, conditions for
Auteurs Hans Dominicus
SamenvattingAuteursinformatie

    Victim-offender-mediation started in Belgium as early as 1993 and nowadays the Belgium landscape shows a variety of restorative practices, including conferencing with juveniles and mediation with adult offenders, on the basis of a number of legal arrangements. Progress can still be made in quantitative terms and qualitatively by harmonizing the various legal instruments that are available. The diversionary mediation that is possible at the level of the public prosecutor differs in a number of ways from the mediation that can be offered in subsequent stages of the criminal procedure. A variety of motives and reasons explain the reception and growth of restorative practices, such as the desire to offer victims a better service and to improve the delivery of justice. The willingness to experiment and to collaborate between protagonists of restorative justice and the agencies of criminal justice, and the strong scientific support from the Catholic University of Leuven, are amongst the key factors that promoted the integration and consolidation of restorative practices in the legal system.


Hans Dominicus
Hans Dominicus is attaché bij het Directoraat-generaal Justitiehuizen van de Federale Overheidsdienst Justitie in België. Hij is adviseur van minister van justitie Stefaan de Clerck.
Artikel

Legal privilege en het Akzo-arrest: slecht nieuws

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2010
Trefwoorden advocaat in dienstbetrekking, legal privilege, Akzo-arrest, onafhankelijkheid
Auteurs Mr. P. Kuipers
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europese Hof van Justitie heeft opnieuw beslist dat juridisch advies van de advocaat in dienstbetrekking niet geprivilegieerd is. Dit commentaar is zeer kritisch over de motivering van die beslissing.


Mr. P. Kuipers
Mr. P. Kuipers is bedrijfsjurist bij Unilever.

    Hoewel diverse grondrechten al sinds jaar en dag worden ingeroepen in Europese mededingingsprocedures, komen op deze grondrechten gebaseerde verweren nog iets minder voor in Nederlandse mededingingszaken. In deze bijdrage, die wegens haar omvang geen uitputtend overzicht vormt, zal nader worden ingegaan op een aantal grondrechtelijke leerstukken die in dat kader met name relevant lijken.


Mr. H.M.H. Speyart
Mr. H.M.H. Speyart is advocaat bij NautaDutilh N.V. te Amsterdam.
Artikel

Zorg en recht, een ongelukkig begrippenpaar

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2010
Trefwoorden legalization of health care, effects of legalization, distrust of medical professionals
Auteurs Bert Niemeijer en Nick Huls
SamenvattingAuteursinformatie

    Various developments since 1960 have lead to a legalization of care, especially the call for individual rights, emancipation, international treaties, the transformation of private problems to public issues and the diminishing authority of professionals. This legalization has important social consequences. Effects are both direct and indirect, positive and negative. The ‘rights revolution’ has gone too far and leads to unrealistic expectations of what law can do. Therefore a down-to-earth and empirical informed perspective on the relation between law and care is of great importance.


Bert Niemeijer
Bert Niemeijer werkt bij het ministerie van Veiligheid en Justitie als coördinator strategie en tevens als (bijzonder) hoogleraar rechtssociologie bij de afdeling Rechtstheorie van de Vrije Universiteit. Zijn onderzoek richt zich in het bijzonder op effecten van rechtspraak en wetgeving. Recente publicaties zijn Een wereld van geschillen. Over het gebruik van gerechtelijke en buitengerechtelijke procedures (oratie, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2007) en ‘Synthesising legislative evaluations – Putting the pieces together’, Evaluation, London, Sage Publications 2009, met C.M. Klein Haarhuis).

Nick Huls
Nick Huls is hoogleraar rechtssociologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en de Universiteit Leiden. Hij is onder meer geïnteresseerd in de ontwikkelingen van het tuchtrecht van vrije beroepen (zie M.A. Kleiboer & N.J.H. Huls, Tuchtrecht op de terugtocht? Ontwikkelingen in het wettelijke, niet hiërarchisch tuchtrecht, Utrecht: Lemma 2000).
Artikel

Asset tracing

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2010
Trefwoorden asset tracing, fraude, beslag, art. 843a Rv, Engels recht
Auteurs Mr. V.C.J. Brugge en Mr. H.J.Th. Biemond
SamenvattingAuteursinformatie

    Asset tracing is het proces van het achterhalen van gestolen of verduisterde vermogensbestanddelen of de financiële opbrengst daarvan. In deze bijdrage wordt ingegaan op de bestaande juridische middelen die een benadeelde in Nederland daarvoor tot zijn beschikking heeft en tegen welke problemen een benadeelde daarbij in de praktijk aanloopt. In dat verband zal tevens worden gekeken naar de meer ontwikkelde praktijk van asset tracing in Engeland, en welke mogelijke lessen daaruit getrokken kunnen worden. Tot slot zal worden stilgestaan bij de rol van de politie en het Openbaar Ministerie in het proces van asset tracing.


Mr. V.C.J. Brugge
Mr. V.C.J. Brugge is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy LLP.

Mr. H.J.Th. Biemond
Mr. H.J.Th. Biemond is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy LLP.

    On 21 May 2008 the European Directive on certain aspects of mediation in civil and commercial matters was adopted. The directive will have to be implemented in Dutch legislation before 21 May 2011. The objective of the Directive is to facilitate access to alternative dispute resolution and to promote the amicable settlement of disputes, by encouraging the use of mediation and by ensuring a balanced relationship between mediation and judicial proceedings (Article 1(1)). As a result of the arrival of the European Mediation Directive mediation the Netherlands will get a legal basis and thereby recognition. This article inter alia discusses the Mediation Directive from the NMI's perspective and discusses the articles from the Directive relevant to NMI step by step.


Esther Gathier
Mr. Esther Gathier is beleidsmedewerker bij het NMI.
Jurisprudentie

Rechterlijke macht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2010
Trefwoorden kroniek rechterlijke macht, uniforme rechtstoepassing, competentiegrenswijziging, versterking cassatierechtspraak, mediation
Auteurs Mr. drs. G. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Kroniek rechterlijke macht wordt ingegaan op actualiteiten rondom uniforme rechtstoepassing. Betoogd wordt onder meer dat de ontwikkeling van eventueel toekomstig rechterlijk beleid gebaat is bij een algemeen aanvaarde methode. Verder wordt in deze kroniek aandacht besteed aan de beoogde wijziging van de competentiegrens in kantonzaken, die onder meer gevolgen heeft voor de relatieve competentie in kantonzaken en voor de beschikbaarheid van het Roljournaal. Daarnaast komen lopende uitvoeringstrajecten ter versterking van de cassatierechtspraak aan de orde. Tot slot wordt ingegaan op de problematiek van het verschoningsrecht voor mediators in samenhang met de implementatie van de Mediationrichtlijn.


Mr. drs. G. de Groot
Mr. drs. G. de Groot is vice-president van de Rechtbank Amsterdam.
Artikel

Kroniek aanbestedingsrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2010
Trefwoorden EG-handhavingsrichtlijnen, aanbestedende dienst/publiekrechtelijke instelling, gebiedsontwikkeling, dienstenconcessies
Auteurs Mr. J.W.A. Bergevoet, Mr. L.M. Hiemstra en Mr. S.R.A. Lucas
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek belichten de auteurs de recente ontwikkelingen op het gebied van het Europese aanbestedingsrecht over de periode van januari 2009 tot juli 2010. Op wetgevingsgebied is een belangrijke recente ontwikkeling de implementatie van de herziene EG-handhavingsrichtlijnen in de Nederlandse rechtsorde door inwerkingtreding van de Wet implementatie rechtsbeschermingsrichtlijnen aanbesteden (Wira). Daarnaast heeft het Hof van Justitie in het afgelopen anderhalf jaar veel (meer dan twintig) arresten gewezen op het gebied van Europees aanbestedingsrecht. Terugkerende onderwerpen in deze arresten die wij in deze kroniek zullen behandelen, zijn de subjectieve werkingssfeer van de Europese aanbestedingsrichtlijnen (het begrip aanbestedende dienst/publiekrechtelijke instelling), de objectieve werkingssfeer van de Europese aanbestedingsrichtlijnen (gebiedsontwikkeling en dienstenconcessies) en de uitzonderingen op de werkingssfeer (vanwege dwingende redenen van algemeen belang), alsmede uitsluiting van ondernemingen en werkelijke mededinging.


Mr. J.W.A. Bergevoet
Mr. J.W.A. Bergevoet is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. L.M. Hiemstra
Mr. L.M. Hiemstra is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. S.R.A. Lucas
Mr. S.R.A. Lucas is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Inzage in het onderzoeksverslag in enquêteprocedures

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 11 2010
Trefwoorden enquêterecht, inzage, onderzoeksverslag, bewijs, Fortis
Auteurs Mr. F.G.K. Overkleeft, LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt het door de Ondernemingskamer gehanteerde beleid voor terinzagelegging van het onderzoeksverslag in enquêteprocedures. Aanleiding is een recent geschil over het inzagerecht in de Fortis-enquête. De auteur bespreekt deze casus mede tegen de achtergrond van het mogelijke gebruik van het onderzoeksverslag als bewijs in civielrechtelijke procedures.


Mr. F.G.K. Overkleeft, LL.M.
Mr. F.G.K. Overkleeft, LL.M. is werkzaam als advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam en is tevens als docent-onderzoeker verbonden aan het Center for Company Law, Universiteit van Tilburg.
Artikel

Wettelijke bepalingen voor herstelgerichte afdoeningen

Niet te weinig, niet te veel

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2010
Trefwoorden bemiddelingsdiensten, wetgeving, preventie, strafproces
Auteurs Martin Wright
SamenvattingAuteursinformatie

    Legislation affects restorative justice in four ways: existing legislation may allow it, new laws may enable it, laws may limit it, or restorative justice may be the norm. Examples from different countries are given and specific questions about the relationship of restorative justice to the criminal justice system discussed. It is suggested that, broadly speaking, safeguards should be legislated and practice regulated by an independent body. It is concluded that restorative practices, have the potential to transform society’s response to harmful behaviour.


Martin Wright
Martin Wright is senior onderzoeker aan De Montfort Universiteit in Leicester, Engeland.

    Het recht op toegang tot documenten in handen van de overheid en de bescherming van persoonsgegevens als onderdeel van het recht op privéleven zijn fundamentele rechten. Bij een verzoek om documenten die persoonsgegevens bevatten, komen beide fundamentele rechten aan de orde. In Bavarian Lager verzekeren het Gerecht van Eerste Aanleg (hierna: Gerecht)en het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: Hof van Justitie) ofwel het belang van openbaarheid ofwel de bescherming van persoonsgegevens volledig, hetgeen ten koste gaat van de bescherming van het andere recht. De advocaat-generaal staat daarentegen een case to case analysis voor waarmee strijdige fundamentele rechten evenwichtig kunnen worden getoetst.


Mr. T. Nauta
Mr. T. Nauta is junior docent aan de Universiteit Utrecht bij de leerstoel Economisch Publiekrecht.
Jurisprudentie

Bewijsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2010
Trefwoorden bewijsrecht, bewijslastverdeling
Auteurs Prof. mr. W.D.H. Asser
SamenvattingAuteursinformatie


Prof. mr. W.D.H. Asser
Prof. mr. W.D.H. Asser is raadsheer in de Hoge Raad der Nederlanden, tevens hoogleraar burgerlijk procesrecht aan de Universiteit Leiden.
Discussie

WUBHV in de eindfase: waar bleef de vertrouwelijkheid?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2010
Auteurs Prof. mr. J.G. Sijmons en Prof. mr. T.M. Schalken

Prof. mr. J.G. Sijmons

Prof. mr. T.M. Schalken
Artikel

Het Alassini arrest en verplichte bemiddeling

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2010
Trefwoorden Universal Service Directive 2002/22/EU, mediation, conciliation, prejudicial question
Auteurs Rob Jagtenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    In the case of Rosalba Alassini v. Telecom Italia SpA the Court of Justice of the European Union has for the first time decided (18 March 2010) on the compatibility of a (Italian) statute mandatorily prescribing conciliation prior to application to a Court of Law, whereby the compatibility test was based on various European general principles of law. The author provides a critical comment on some inconsistencies in the judgment and the A-G’s earlier Opinion.


Rob Jagtenberg
Rob Jagtenberg, verbonden aan o.a. de Erasmus Universiteit, was en is betrokken bij diverse Europese projecten inzake geschillenbeslechting.
Casus

NVVMA Symposium Afscheid John Bosnak

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2010
Trefwoorden Dutch Association of Mediation Lawyers, farewell symposium, professional privilege
Auteurs Jacques de Waart en Rob Jagtenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    A symposium took place in Utrecht on 22 April 2010 to bid John Bosnak farewell as President of the Dutch Association of Attorney Mediators. Presentations were given on European aspects of professional privilege for mediators, on the antecedents of the European mediation directive and on psychological pitfalls that await the mediator who tries to oppress his/her own emotional stress.


Jacques de Waart
Jacques de Waart is voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Mediation Advocaten NVVMA, gecertificeerd NMI-mediator, trainer bij onder meer het CvC en advocaat te Amersfoort.

Rob Jagtenberg
Rob Jagtenberg, verbonden aan o.a. de Erasmus Universiteit, was en is betrokken bij diverse Europese projecten inzake geschillenbeslechting.

    The option of caucusing – i.e. one-on-one conversations between the mediator and one of the parties – is what makes mediation different from other types of conflict resolution. Both the view that all that is discussed in the caucus should remain confidential and the view that this should essentially be shared with the other party lead to suboptimal results. Economically inefficient outcomes caused by strategic actions by the parties can be avoided if the mediator communicates the information disclosed to him/her in the caucus to the other party in such a way (‘noisy translation’) that this other party cannot use this information to the disadvantage of the disclosing party.


M.A. Overman
M.A. Overman is advocaat te Rotterdam.
Artikel

Naar een ‘rights based’ jeugdherstelrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2010
Trefwoorden Kinderrechten, Internationale Verdrag inzake de Rechten van het Kind, Jeugdherstelrecht
Auteurs Annemieke Wolthuis
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution starts with an introduction of human rights, children’s rights and restorative justice. What are the links and differences between these concepts and how do they interrelate? An overview of human rights for children in international standards relevant to the discussion on juvenile justice, such as the UN Convention on the Rights of the Child and additional instruments, is given. It is examined how restorative justice fits in this framework.
    Human rights are one of the main pillars of our modern society. General juvenile justice principles such as diversion, the use of detention only as a measure of last resort and focusing on re-integration give a clear basis for restorative justice practice. Recent international and European conventions, guidelines and recommendations dealing with juvenile justice explicitly recommend the use of restorative justice. It is actually seen as the main priority focus of the reaction to youth criminality. The Committee on the Rights of the Child declared in General Comment 10 that the best interests of the child imply that the traditional aims of criminal justice – repression and retribution – should make room for rehabilitation and reintegration. Today’s focus on youth delinquency should be a restorative one. But how to implement rather broad notions such as restorative justice in individual cases and to make them fulfil internationally accepted human rights standards. With the model of Mitchell and Moore it is explored how children’s rights (mainly article 40 and the main principles of the CRC) and restorative justice are connected and how they can use each other. The need is stressed and some tools are given to work towards a ‘rights based restorative justice’.


Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is onderzoeker aan de Open Universiteit en schrijft een proefschrift over jeugdherstelrecht en kinderrechten. Zij is tevens verbonden aan het Verwey-Jonker Instituut, waar zij bijdraagt aan maatschappelijk onderzoek, en redacteur van dit tijdschrift.
Casus

Pathologische arbitrageclausules en het voorkomen daarvan

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2010
Trefwoorden arbitrage, arbitrageovereenkomst, pathologische arbitrageclausule
Auteurs Mw. mr. C.C. de Vink
SamenvattingAuteursinformatie

    Arbitrage is een van de alternatieve wijzen van geschilbeslechting waarvoor contractspartijen kunnen kiezen. In dit artikel worden de arbitrageovereenkomst en de potentiële gebreken daarin aan de orde gesteld. Het blijkt in de praktijk maar al te vaak voor te komen dat onduidelijkheden in de arbitrageovereenkomst voor problemen zorgen op het moment dat er daadwerkelijk een geschil rijst tussen contractspartijen.


Mw. mr. C.C. de Vink
Mw. mr. C.C. de Vink is advocaat bij Simmons & Simmons te Rotterdam.
Toont 1 - 20 van 27 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.