Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 243 artikelen

x
Jaar 2016 x

    Dit artikel is een onderdeel van het themanummer naar aanleiding van de Vlaams-Nederlandse bijeenkomst over het omgevingsrecht met de titel: ‘Omgevingsrecht in de Lage Landen: Toren van Babel of Tuin der Lusten?’
    In deze bijdrage schetst de auteur het Vlaamse systeem van milieukwaliteitseisen.


Jan Verheeke
Jan Verheeke is algemeen secretaris van de Strategische Adviesraad Milieu en Natuur, Minaraad.
Artikel

Rechtsgeldigheid en doorwerking van een aandeelhoudersovereenkomst in de persoonsgebonden BV: een stappenplan voor de praktijk

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden aandeelhoudersovereenkomst, rechtsgeldigheid, doorwerking, vennootschapsrechtelijke werking, persoonsgebonden
Auteurs Mr. R. de Leeuw
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel de literatuur als de rechtspraak geeft geen blijk van een helder toetsingskader voor de beoordeling van de rechtsgeldigheid en doorwerking van aandeelhoudersovereenkomsten. Dit artikel beschrijft een eenduidig toetsingskader (inclusief schematisch stappenplan) waarmee een rechter, notaris of advocaat kan beoordelen of een aandeelhoudersovereenkomst geldig is, en zo ja, of deze in het concrete geval doorwerkt in de vennootschap.


Mr. R. de Leeuw
Mr. R. de Leeuw is juridisch medewerker bij Schaap Advocaten Notarissen te Rotterdam.
Jurisprudentie

Tegen de wet

HvJ EU 19 april 2016, C-441/14, ECLI:EU:C:2016:278, JAR 2016/132 (Ajos/Rasmussen)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Contra legem, Algemene beginselen
Auteurs Mr. Peter Vas Nunes
SamenvattingAuteursinformatie

    In april van dit jaar wees het Hof van Justitie van de Europese Unie arrest in de zaak Rasmussen. Hoewel het arrest is gewezen door de Grote Kamer, brengt het weinig dat echt nieuw is. Het arrest biedt wel een goede gelegenheid om in te gaan op een aantal leerstukken die van belang zijn voor beoefenaars van het arbeidsrecht, zoals die met betrekking tot de richtlijnconforme uitleg van nationaal recht en het buiten toepassing laten van dat recht op grond van algemene beginselen van Unierecht.


Mr. Peter Vas Nunes
Mr. P. Vas Nunes is als advocaat en partner verbonden aan BarentsKrans.
Jurisprudentie

Perikelen rondom de invoering van het (verzwakte) structuurregime

Ondernemingskamer 1 juli 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:2766, JAR 2016/210 (OR/Thomas Cook Nederland)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Structuurregime, adviesrecht ondernemingsraad, samenstelling RvC
Auteurs Mr. dr. Joost Van Mierlo
SamenvattingAuteursinformatie

    Vlak voordat Thomas Cook Nederland verplicht is het structuurregime in te voeren, besluit zij dat uitsluitend concernfunctionarissen voor benoeming tot commissaris in aanmerking komen. Hiermee komt niet alleen een onafhankelijke opstelling van de raad van commissarissen in het gedrang, ook vormt dat een ernstige aantasting van het wettelijk aanbevelingsrecht van de ondernemingsraad. Voor de Ondernemingskamer is dit voldoende om te spreken van een voorgenomen besluit tot een belangrijke wijziging van de verdeling van de bevoegdheden (artikel 25 lid 1 en onder e WOR).


Mr. dr. Joost Van Mierlo
Mr. dr. J.J.M. van Mierlo is als partner verbonden aan de sectie Medezeggenschapsrecht van De voort Advocaten / Mediators in Tilburg.
Jurisprudentie

Overgang van wettelijke verplichtingen – het Hof van Justitie van de EU treedt wederom buiten contractuele grenzen

HvJ EU 28 januari 2015, C-688/13, ECLI:EU:C:2015:46, JAR 2015/279 (Gimnasio Deportivo San Andrés SL/Tesorería General de la Seguridad Social)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2016
Trefwoorden overgang van onderneming, sociale zekerheid, rechten en verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst, rechten van derden
Auteurs Prof. mr. Ronald Beltzer
SamenvattingAuteursinformatie

    Richtlijn 2001/23 inzake de overgang van ondernemingen ziet blijkens het in deze bijdrage besproken arrest evenzeer op de overgang van aan de arbeidsovereenkomst gerelateerde, wettelijke socialezekerheidsrechten. Slechts buitenwettelijke rechten inzake sociale zekerheid mogen door de lidstaten worden uitgezonderd van overgang (artikel 3 lid 4 onder a). De reikwijdte van deze uitzondering is beperkt. Het staat lidstaten vrij een ruimere bescherming te bieden. De auteur stelt de vraag of de uitspraak gevolgen heeft voor andere arbeidsgerelateerde rechten en analyseert de in dit arrest impliciet aanvaarde derdenwerking.


Prof. mr. Ronald Beltzer
Prof. mr. R. Beltzer is hoogleraar Arbeid en Onderneming aan de Universiteit van Amsterdam.

    Ontheffing provinciale verordening. Terugwerkende kracht vernietiging ontheffingsverlening. Grootschalige detailhandel. Betekenis factory outlet center.

Artikel

Een extra termijn van de Brzo-omgevingsdiensten voor het indienen van het VR: gunst of niet?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2016
Trefwoorden strafrecht, handhaving, vertrouwensbeginsel, Besluit risico’s zware ongevallen (Brzo), Gedogen
Auteurs Mr. B. d’Hooghe en mr. C.J. IJdema
SamenvattingAuteursinformatie

    Bedrijven die onder het zwaarste regime van het nieuwe Besluit risico’s zware ongevallen 2015 (hierna Brzo 2015) vallen, hadden vóór 1 juni 2016 een veiligheidsrapport moeten indienen dat aan de eisen van het Brzo 2015 voldoet. Dat was in de praktijk problematisch omdat inwerkingtreding van de Regeling risico’s zware ongevallen 2015 lang op zich heeft laten wachten en de PGS 6-richtlijn nog niet definitief is aangepast. Om die reden hebben de Brzo-omgevingsdiensten aan bestaande inrichtingen laten weten dat een ‘begunstigingstermijn’ zal worden geboden tot en met 1 januari 2017 om te voldoen aan het Brzo 2015. Wij hebben onderzocht of Brzo-bedrijven op basis van de brief inderdaad langer de tijd mochten nemen om een nieuw veiligheidsrapport in te dienen, of dat zij daardoor op het verkeerde been zijn gezet.


Mr. B. d’Hooghe
Mr. B. d’Hooghe en mr. C.J. IJdema zijn advocaat bij Adriaanse van der Weel advocaten.

mr. C.J. IJdema
Boekbespreking

Bespreking van de oratie Verantwoord financieel strafrecht van Matthijs Nelemans, Tilburg University, 2015

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Beginselen en omvang financieel strafrecht, Zorgvuldigheid, Motiveringsplicht, Buitengerechtelijke afdoening, Financiële toezichthouders
Auteurs Prof. dr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De orator bespreekt het uitdijend rechtsgebied, met als kern de Wft, de evolutie van het handhavingsmodel met zijn open normen en buitengerechtelijke afdoening en ten slotte de legaliteit en legitimiteit van het financieel strafrecht. De recensent vraagt zich af, of de door de orator genoemde rechtsbeginselen wel de rechtsbeginselen (kunnen) zijn die het financieel strafrecht kunnen normeren, nu het rechtsgebied ‘in het gareel’ wordt gehouden door beginselen van commuun strafrecht, bestuursrecht en Europees recht. Hoe moet het met de begrippen als daderschap en samenloop in de straftoemeting? Het is een weerbarstige materie.


Prof. dr. R.C.P. Haentjens
Prof. dr. R.C.P. Haentjes is bijzonder hoogleraar financieel strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam en raadsheer-plaatsvervanger aan het Gerechtshof Amsterdam.
Artikel

De hoge en bijzondere transactie: een pleidooi voor rechterlijke controle op de afdoening buiten geding

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2016
Trefwoorden buitengerechtelijke afdoening, hoge transactie, bijzondere transactie, EHRM, internationale straftribunalen
Auteurs Mr. dr. K.C.J. Vriend
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel zijn de mogelijkheden van rechterlijke controle op de afdoening buiten geding in strafzaken onderzocht. Gepleit wordt voor een aparte raadkamerprocedure voor hoge en bijzondere transacties, waarbij toetsingscriteria werden ontleend aan de jurisprudentie van het EHRM en de internationale straftribunalen. De raadkamer toetst de overeengekomen transactie aan drie criteria. Ten eerste of de verdachte de transactie vrijwillig heeft geaccepteerd. Ten tweede of de verdachte voldoende geïnformeerd is over de procedurele gevolgen en over het bewijs dat tegen hem vergaard is. Ten derde toetst de raadkamer of er prima facie voldoende bewijsmateriaal in het dossier voorhanden is. Een door de raadkamer in het openbaar uitgesproken gemotiveerde beschikking maakt controle mogelijk op het overeenkomen van hoge en bijzondere transacties.


Mr. dr. K.C.J. Vriend
Mr. dr. K.C.J. Vriend is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Casus

Partij-invloed op het intreden of vervallen van voorwaarden

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Ontbindende voorwaarde, Opschortende voorwaarde, Potestatieve voorwaarde, Artikel 6:23 BW
Auteurs Mr. dr. H. Stolz
SamenvattingAuteursinformatie

    In de rechtspraktijk vormen ontbindende en opschortende voorwaarden een vaak gebruikte rechtsfiguur bij overeenkomsten. Veelal hebben partijen bij een overeenkomst een vorm van invloed op het toekomstige intreden of vervallen van een dergelijke voorwaarde. Deze partij-invloed wordt door het recht in beginsel aanvaard en is derhalve als breed uitgangspunt ook mogelijk. Op dit uitgangspunt bestaan echter twee beperkingen: de vaak veronderstelde onmogelijkheid van (vormen van) potestatieve voorwaarden en de redelijkheid en billijkheid die leiden tot toepassing van artikel 6:23 BW. Onderzocht wordt in welke gevallen deze beperkingen van de partij-invloed toepassing vinden en welke mogelijkheden bestaan om met deze beperkingen contractueel om te gaan.


Mr. dr. H. Stolz
Mr. dr. H. Stolz is docent Onroerendgoedrecht aan de Universiteit van Amsterdam en adviseur bij Houthoff Buruma.
Artikel

Schadebegroting bij een doorberekeningsverweer en een bijgestelde maatstaf voor voordeelstoerekening

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Kartelschade, Passing-on verweer, Schadebegroting, Voordeelstoerekening
Auteurs Prof. mr. A.L.M. Keirse en Mr. dr. M. van Kogelenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    In lijn met Europees schadevergoedingsrecht wendt de Hoge Raad overcompensatie af. In de recente follow-on kartelschadeprocedure TenneT c.s/ABB c.s. maakt de Hoge Raad namelijk de weg vrij voor een consistente toekenning van het zogenoemde passing-on verweer. Daarbij geeft hij te kennen ruimer te zijn gaan denken over het leerstuk van voordeelstoerekening. In deze bijdrage wordt het belang van deze ontwikkelingen voor zowel het mededingingsrecht als het algemene schadevergoedingsrecht geduid.


Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. Anne Keirse is als hoogleraar Privaatrecht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht en aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) van de Universiteit Utrecht. Zij is daarnaast (parttime) raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.

Mr. dr. M. van Kogelenberg
Mr. dr. M. van Kogelenberg is als universitair docent verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht en aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) van de Universiteit Utrecht.
Artikel

De strafrechtelijke aanpak van meisjesbesnijdenis in een rechtsvergelijkende context

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2016
Trefwoorden besnijdenis, genitale verminking, culturele delicten, burgerschap, recht en religie
Auteurs Mr. Sohail Wahedi en Mr. dr. Renée Kool
SamenvattingAuteursinformatie

    In Europe, female circumcision has been considered a grave violation of human rights. However, many European countries fail to combat this illegal practice. This article answers the question why criminal law enforcement with regard to female circumcision seems to fail in various European states, with the exception of France. To answer this question, this article analyses various models of citizenship.


Mr. Sohail Wahedi
Mr. S. Wahedi studeerde rechten in Utrecht. Hij is als promovendus verbonden aan de afdeling Sociology, Theory and Methodology van de Erasmus School of Law en verricht onderzoek op het terrein van recht en religie.

Mr. dr. Renée Kool
Mr. dr. R.S.B. Kool is als universitair hoofddocent Straf(proces)recht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen en het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL). Zij heeft in het kader van haar onderzoek naar het aansprakelijkheidsrecht ook gepubliceerd over culturele delicten, zoals meisjesbesnijdenis en huwelijksdwang.
Artikel

Access_open De rol van religie in orgaandonatie

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Orgaandonatie, Religie, Donorregister, sociaal kapitaal
Auteurs Prof. dr. Hans Schmeets en Drs. Floris Peters
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyzes the relationship between religiosity and organ donation, using unique Dutch register- and survey data of almost 400.000 individuals. One in four of the Dutch population ages 12 years and above is registered as an organ donor. Non-religious individuals are more likely to give permission for the transplantation of their organs than the religious. In particular, there are few organ donors among individuals who very frequently attend religious services. Furthermore, there are differences between religious denominations. Roman-Catholics are more often registered as an organ donor than Protestants, in particular among older generations. The proportion of organ donors is lowest among Muslims.


Prof. dr. Hans Schmeets
Prof. dr. J.J.G. Schmeets is programmamanager bij het CBS en bijzonder hoogleraar Sociale statistiek aan de Universiteit Maastricht. Hij geeft leiding aan de onderzoeksthema’s sociale cohesie, welzijn, belevingen van burgers, politiek, religie, ICT en veiligheid. Tevens beoordeelt hij verkiezingen voor de OVSE.

Drs. Floris Peters
Drs. F. Peters is promovendus aan de Universiteit Maastricht en parttime onderzoeker bij het CBS. Zijn onderzoek heeft betrekking op motieven voor naturalisatie en op de relatie tussen naturalisatie en integratie van migranten. Tevens doet hij onderzoek naar orgaandonatie in Nederland.
Artikel

Franse toestanden?

Veranderende visies op religieuze vrijheid in Nederland en Europa

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Godsdienstvrijheid;, Liberalisme, Secularisme, ontkerkelijking, gewetensvrijheid, morele gemeenschappen
Auteurs Dr. mr. Floris Mansvelt Beck
SamenvattingAuteursinformatie

    Ideas about the purport and value of religious liberty differ from place to place and can change over time. Over the past fifty years, the trend of secularization has laid the social foundations for a reassessment of religious liberty in the Netherlands. Prompted by the confrontation with Islam, the process of reassessment has gained urgency from, but is also hampered by, terrorist attacks and the migration crisis. However that may be, the result is a prioritization of individual autonomy above freedom of conscience in religious matters. This is borne out by an analysis of parliamentary debates in the Netherlands since 2000 and is explained as part of a broader shift from conscience-based to autonomy-based interpretations of liberalism in Dutch society.


Dr. mr. Floris Mansvelt Beck
Dr. mr. F.F. Mansvelt Beck is als politiek filosoof verbonden aan het Instituut voor Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden. Hij doet onderzoek naar vrijheid en tolerantie in post-geseculariseerde samenlevingen.
Artikel

De afwikkeling/vereffening van een fideicommissaire nalatenschap na de vervulling van de voorwaarde

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden afwikkeling, vereffening, tweetrapsnalatenschap, fideicommis
Auteurs Mr. dr. R.E. Brinkman
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat in op de afwikkeling en vereffening van de fideicommissaire (of tweetraps)nalatenschap. Als de bezwaarde komt te overlijden, moet zijn eigen nalatenschap en die van de insteller worden afgewikkeld/vereffend. Voor de vraag wie welke nalatenschap afwikkelt of vereffent en wie in welke nalatenschap een vereffenaar kan laten benoemen, moet scherp onderscheid worden gemaakt tussen de beide nalatenschappen. Voor elke nalatenschap geldt een eigen regime, ook al zijn de nalatenschappen wellicht met elkaar verweven.


Mr. dr. R.E. Brinkman
Mr. dr. R.E. Brinkman is notaris te Hardenberg, docent aan de Rijksuniversiteit Groningen en raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Artikel

Van ‘levensexecuteur’ tot executeur, waar ligt de grens?

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden levenstestament, gevolmachtigde, executele, subrogatie
Auteurs Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
SamenvattingAuteursinformatie

    Bevoegdheden in levenstestamenten zijn vaak ruim verwoord en omvatten vaak ook allerlei erfrechtelijke bevoegdheden. In deze bijdrage staat de vraag centraal of de gevolmachtigde namens de volmachtgever een executeursbenoeming al dan niet mag aanvaarden én namens de volmachtgever de bevoegdheden van de executeur mag uitoefenen.


Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin is als kandidaat-notaris verbonden aan Vrijthofnotarissen te Maastricht en Fellow aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Nieuwe Europese IPR-verordeningen inzake huwelijksvermogensrecht en vermogensrechtelijke gevolgen van geregistreerde partnerschappen

Belangrijkste wijzigingen voor de notariële praktijk

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Huwelijksvermogensrechtverordening, geregistreerd partnerschap, toepasselijk recht, IPR, notariële praktijk
Auteurs Mr. J.G. Knot en Mr. J.L.D.J. Maasland
SamenvattingAuteursinformatie

    IPR-vragen omtrent huwelijksvermogens- en partnerschapsvermogensrecht worden vanaf 29 januari 2019 beantwoord aan de hand van de regels uit twee nieuwe Europese verordeningen. Dit artikel beoogt een overzicht te geven van de hoofdlijnen van deze verordeningen. De nadruk ligt daarbij op het toepassingsgebied van beide verordeningen (welke onderwerpen regelen de verordeningen zoal?) en met name de regels van toepasselijk recht. Welke mogelijkheden zijn er tot het uitbrengen van een rechtskeuze en welk recht beheerst het huwelijksvermogens- of partnerschapsvermogensregime als partijen geen rechtskeuze hebben uitgebracht? Beide verordeningen worden besproken vanuit hun belang voor de notariële praktijk. In dat kader komen ook het overgangsrecht en het geldingsbereik van artikel 1:88 BW in grensoverschrijdende gevallen uitdrukkelijk aan de orde.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent aan de Rijksuniversiteit Groningen, raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en IPR-adviseur bij PlasBossinade Notarissen te Groningen.

Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is kandidaat-notaris/partner bij Bluelyn te Rotterdam en universitair gastdocent bij de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Praktijk

Het fzo-pandrecht op giraal saldo: een alternatief voor de huidige verpandingspraktijk

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2016
Trefwoorden fzo-pandrecht, financiëlezekerheidsovereenkomst, pandrecht, giraal saldo, controlevereiste
Auteurs Mr. S. Swinkels
SamenvattingAuteursinformatie

    Het pandrecht in het kader van een financiëlezekerheidsovereenkomst (fzo-pandrecht) is nog een vrij onbekende rechtsfiguur. Onterecht, want het fzo-pandrecht kan in de praktijk een andere uitwerking hebben dan ‘reguliere’ pandrechten en daarmee voordelen meebrengen voor marktpartijen. In dit artikel wordt onderzocht of fzo-pandrechten gebruikt kunnen worden in de huidige verpandingspraktijk, waar vooralsnog een openbaar pandrecht wordt bedongen op het girale saldo van een bankrekening. Belangrijk aspect van deze praktijk is dat de pandgever in zijn hoedanigheid van rekeninghouder over de rekening wil blijven beschikken. Dit levert problemen op met het zogenaamde ‘controlevereiste’.


Mr. S. Swinkels
Mr. S. Swinkels is advocaat bij AKD te Amsterdam.
Artikel

Afscheid Tom Ottervanger

Bundeling van verschenen bijdragen in Markt en Mededinging van Tom Ottervanger - Overhandigd op 7 december 2016 ter gelegenheid van zijn afscheid als redactielid (1998-2016)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering Afscheid Tom Ottervanger 2016
Artikel

Art. 7:17 BW als broncode bij de uitleg van een ‘normaalgebruikgarantie’

HR 7 oktober 2016, RvdW 2016/1036 (Boerderij uit 1880)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2016
Trefwoorden conformiteit, Haviltex, normaal gebruik, NVM-akte, uitleg koopakte
Auteurs Prof. mr. C.G. Breedveld-de Voogd
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de verkoop van een onroerende zaak wordt dikwijls de garantie gegeven dat de zaak geschikt is voor ‘normaal gebruik’. Deze term heeft betrekking op wat daaronder volgens gangbaar spraakgebruik wordt verstaan (geobjectiveerde Haviltex-uitleg). Echter, bij de uitleg blijft ook de conformiteitsmaatstaf van art. 7:17 BW een rol spelen: wat mocht de koper verwachten?


Prof. mr. C.G. Breedveld-de Voogd
Prof. mr. C.G. Breedveld-de Voogd is hoogleraar burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 243 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 12 13
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.