Zoekresultaat: 12 artikelen

x
Jaar 2014 x

    Na tien jaar EAB onderzoekt deze bijdrage of de vereenvoudiging en versnelling van de justitiële samenwerking in strafzaken in evenwicht zijn met de rechtsbescherming van de opgeëiste persoon. Waar het Hof van Justitie vooral uitgaat van het vertrouwen in de nationale rechtsorde van de uitvaardigende lidstaat, volgt uit recente Uniewetgeving dat dit vertrouwen soms onvoldoende is. Ook de oplossingen van de Uniewetgever richten zich hoofdzakelijk op rechtsbescherming in de uitvaardigende lidstaat. Voor het evenwicht tussen efficiency en rechtsbescherming is vooral een in de uitvoerende lidstaat toe te passen weigeringsgrond inzake grondrechtenschendingen van groot belang.
    Pb. EG 2002, L 190/1


Mr. dr. Vincent Glerum
Mr. dr. V.H. (Vincent) Glerum is werkzaam als stafjurist van de Europese Kamer Strafrecht en Mensenrechten van de Rechtbank Amsterdam.
Artikel

Ere wie ere toekomt

Een kritische analyse over de relatie tussen eer, geweld en gender

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2014
Trefwoorden gender, eergerelateerd geweld, sociale uitsluiting
Auteurs Dr. Martina Althoff
SamenvattingAuteursinformatie

    Honour, violence and masculinity are closely linked in traditional criminology, and are combined with an ethnic profile of the offender. This article discusses the conclusion of these assumptions as ethnocentric, but also as a simplification of the gendered idea of honour. Beliefs about honour, which are reduced to the male gender, and understood as conductive to crime, disregard insights regarding violent females, and awareness about the significance of honour in marginalized groups. Furthermore, this contribution discusses the supplementary value of a critical gender perspective, for discussion in criminology about honour and crime.


Dr. Martina Althoff
Dr. Martina Althoff is als universitair hoofddocent Criminologie verbonden aan de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Fiscale bemiddeling in België: een curiosum?

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Alternatieve geschillenoplossing, Bemiddeling (Gerechtelijk recht), Fiscale bemiddeling, Fiscale bemiddelingsdienst
Auteurs Wendy Hensen
SamenvattingAuteursinformatie

    Wendy Hensen analyzes the current Belgian legislation on tax mediation from the perspective of the traditional mediation doctrine. This legislation is in no way connected to the general set of rules on mediation incorporated into the Judicial Code. The question arises whether an internal comparative study between the two separate schemes can shed more light on potential bottlenecks in the current regulation. A comparison reveals significant differences in regard to the importance attributed to certain key elements of mediation, namely the principles of voluntary participation, confidentiality, party self-determination as well as the involvement of an independent and impartial third party who uses mediation methods and techniques. The customary interpretation and understanding of the concept ‘mediation’ apparently doesn’t apply to tax mediation. A brief overview of the Dutch mediation practice in fiscal affairs shows that a more holistic approach, in respect of the aforementioned principles, is nonetheless possible.


Wendy Hensen
Wendy Hensen behaalde in 2008 een masterdiploma rechten aan de Katholieke Universiteit Leuven en vervolgens in 2009 een tweede masterdiploma forensica, criminologie en rechtspleging aan de Universiteit Maastricht. Zij startte haar loopbaan als advocaat aan de balie van Tongeren. Momenteel schrijft ze een doctoraatsthesis over bemiddeling en de gerechtelijke organisatie aan de Universiteit Hasselt. In 2013 heeft zij een erkende bemiddelingsopleiding gevolgd in burgerlijke en handelszaken.
Artikel

De relatieve zwaarte van wederzijdse verantwoordelijkheid voor teleurstellende effectenleaseresultaten

Over schadedeling wegens eigen schuld in effectenleasezaken

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Effectenlease, eigen schuld, artikel 6:101 BW, Verdelingsmaatstaf, Veroorzakingswaarschijnlijkheid, (pre)contractuele zorgplicht, Onderzoeksplicht
Auteurs Prof. mr. A.L.M. Keirse en Mr. A. Van Onna
SamenvattingAuteursinformatie

    Avonturen in de effectenlease liepen slecht af als gevolg van een samenloop van omstandigheden, waaronder een te gretig winstoogmerk aan de zijde van de financiële aanbieder en een te grote lichtvaardigheid aan de zijde van de afnemende consument. In deze bijdrage wordt de (inmiddels gestandaardiseerde) schadedeling onder de loep genomen die in de rechtspraak is gevolgd op de erkenning van de wederzijdse verantwoordelijkheid in dezen.


Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is hoogleraar privaatrecht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en in dit verband verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law, alsook aan het Utrecht Centre for Regulation and Enforcement in Europe. Zij is tevens parttime raadsheer bij het Gerechtshof te Amsterdam. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.

Mr. A. Van Onna
Mr. A. van Onna is advocaat bij Holland van Gijzen Advocaten en Notarissen te Utrecht. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.

    In 2005 and 2006 three state-funded Islam- and imam training programs started at Amsterdam Free University, Leiden University and Hogeschool Inholland, after more than two decades of political and public debate. These confessional programs were to educate a Dutch ‘polder imam’. Recently however, the closure of two programs was announced.
    This article places the establishment as well as the closure of these programs in a historical perspective. It explores two striking parallels between the motivations in favor of an imam training and the ways the Dutch state has dealt with the institutionalization of religious plurality in the nineteenth and twentieth centuries.


Dr. Welmoet Boender
Dr. W. Boender is universitair docent Islamstudies en religiewetenschap aan de Universiteit Utrecht, faculteit Geesteswetenschappen, departement Filosofie en Religiewetenschap.
Artikel

Segregatie en portabiliteit: de Wge als panacee voor MiFID en EMIR

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2014
Trefwoorden vermogensscheiding, segregatie, portabiliteit, MiFID, EMIR
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    Vermogensscheiding en segregatie en portabiliteit worden in MiFID respectievelijk EMIR gepresenteerd als de ultieme instrumenten ter bescherming van de derivatenbelegger tegen faillissement van een tussenpersoon. In deze bijdrage wordt onderzocht welke betekenis aan deze begrippen moet worden toegekend en of de derivatenbelegger onder de nieuw voorziene wettelijke regeling van de Wge voldoende wordt beschermd.


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is advocaat en partner bij NautaDutilh te Amsterdam en hoogleraar financieel recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Kaveh Puid, Abdullahi en de Dublin-Verordening: uitleg bij een haperend asielsysteem, gemiste kans wat betreft de rechtsbescherming

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden Dublin-Verordening, interstatelijk vertrouwensbeginsel, rechtsbescherming, EU-Grondrechtenhandvest, asielzoeker
Auteurs Mr. dr. E.R. Brouwer
SamenvattingAuteursinformatie

    In de uitspraken Kaveh Puid en Abdullahi geeft het Hof van Justitie nadere uitleg over de toepassing van de zogenoemde Dublin-Verordening inzake de vaststelling van een voor de behandeling van een asielverzoek verantwoordelijke lidstaat. Hoewel het Hof van Justitie in het Puid-arrest nog eens de verantwoordelijkheid van de overdragende lidstaat onderstreept om de Dublin-criteria zodanig toe te passen dat de asielzoeker niet de dupe wordt van eindeloze procedures, zijn beide uitspraken teleurstellend voor wat betreft de uitleg inzake de rechtsbescherming van asielzoekers tegen overdrachtsbesluiten.HvJ EU 14 november 2013, zaak C-4/11, Bundesrepublik Deutschland/Kaveh Puid, n.n.g., HvJ EU 10 december 2013, zaak C-394/12, Abdullahi/Bundesasylamt, n.n.g.


Mr. dr. E.R. Brouwer
Mr.dr. E.R. (Evelien) Brouwer is universitair hoofddocent bij de sectie migratierecht, Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Zedenmannen, zoetwatermatrozen en zware jongens

Een empirisch onderzoek naar hiërarchische (gender)verhoudingen in een Belgische mannengevangenis

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2014
Trefwoorden prison hierarchy, male inmate subculture, prison masculinities
Auteurs Maaike Beckmann MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Male inmate subcultures can be described as highly gendered settings where power relationships are based on a hierarchical gender order. Cultural idealized forms of masculinity provide an important foundation for these hierarchical rankings. Notions of hegemonic and subordinate masculinities offer a valuable theoretical framework for explaining the power relations and pecking order among male inmates. Drawing on observations and qualitative semi-structured interviews with prisoners in a medium-size Belgian male prison, this article analyses the various intermale dominance hierarchies among inmates and the discourses in which they are embedded: type of offence, social conduct, individual characteristics of the prisoners and the possession of different forms of capital. This article both stresses and nuances the importance of offence categories by explaining how hierarchical status can be enhanced through social performance and acting in accordance with the prison code. Additionally, it describes how hierarchical arrangements operate in the daily practice of prison life through spatial norms.


Maaike Beckmann MSc
M. Beckmann, MSc is promovendus bij de vakgroep Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel en bij de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open Metatoezicht op voedselveiligheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden metatoezicht op voedselveiligheid, privaat toezicht, NVWA, voedselveiligheid, publiek-private samenwerking
Auteurs Mr. dr. Paul Verbruggen en Dr. ir. Tetty Havinga
SamenvattingAuteursinformatie

    Toezicht op voedselveiligheid is een aangelegenheid van zowel publieke als private partijen. Overheid en bedrijfsleven dragen beide verantwoordelijkheid voor controle en naleving van voedselveiligheidsnormen. Zij hebben daartoe allebei geavanceerde systemen van toezicht ontwikkeld met als primair doel risico’s op voedselveiligheid te beheersen en beperken. Kenmerkend is de relatief recente ontwikkeling dat publieke en private actoren elkaars inspanningen voor de verwezenlijking van dit doel onderling pogen af te stemmen. In Nederland probeert de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) toezicht te houden op private vormen van toezicht. Hoe richt de NVWA dit metatoezicht (toezicht op toezicht) in? Welke waarborgen brengt de NVWA aan bij de afstemming van haar toezicht op private initiatieven en op welke punten behoeft dit verbetering? De auteurs maken een vergelijkende analyse van twee initiatieven van privaat toezicht die door de NVWA zijn geaccepteerd als ‘zelfcontrolesysteem’ voor levensmiddelen, te weten Bureau de Wit en Riskplaza.


Mr. dr. Paul Verbruggen
Mr. dr. P.W.J. Verbruggen is universitair docent Onderzoekcentrum Onderneming & Recht.

Dr. ir. Tetty Havinga
Dr. ir. T. Havinga is universitair hoofddocent rechtssociologie.
Artikel

Access_open Wat is juridisch interactionisme?

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2014
Trefwoorden interactionism, Lon Fuller, interactional law, legal pluralism, concept of law
Auteurs Wibren van der Burg
SamenvattingAuteursinformatie

    Two phenomena that challenge theories of law in the beginning of the twenty-first century are the regulatory explosion and the emergence of horizontal and interactional forms of law. In this paper, I develop a theory that can address these two phenomena, namely legal interactionism, a theory inspired by the work of Fuller and Selznick. In a pluralist approach, legal interactionism recognizes both interactional law and enacted law, as well as other sources such as contract. We should aim for a pluralistic and gradual concept of law. Because of this pluralist and gradual character, legal interactionism can also do justice to global legal pluralism and to the dynamic intertwinement of health law and bioethics.


Wibren van der Burg
Wibren van der Burg is Professor of Legal Philosophy and Jurisprudence, Erasmus School of Law at the Erasmus University Rotterdam.
Artikel

Symboolwetgeving: de opkomst, ondergang en wederopstanding van een begrip

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2014
Trefwoorden symboolwetgeving, communicatieve benadering van wetgeving, interactionisme, open normen, democratie
Auteurs Prof. dr. B. van Klink
SamenvattingAuteursinformatie

    De communicatieve benadering van wetgeving heeft aanleiding gegeven tot de nodige wetenschappelijke discussie. In deze bijdrage gaat de auteur nader in op de aangevoerde kritiekpunten. Doel van dit artikel is te bepalen in welke opzichten de communicatieve benadering aanvulling of correctie behoeft. Conclusie is dat het achterliggende democratische ideaal nog steeds relevant is: de wens om burgers meer te betrekken bij de totstandkoming en de uitvoering van wetgeving. Tegelijk moet beter rekenschap worden afgelegd van de processen van in- en uitsluiting waarmee wetgeving onvermijdelijk gepaard gaat. Niet iedereen kan, mag of wil meepraten over de betekenis van de wet, niet elk gezichtspunt kan in het uiteindelijke wetgevende besluit erkenning krijgen.


Prof. dr. B. van Klink
Prof. dr. B. van Klink is hoogleraar Methoden van recht en rechtswetenschap aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Herziening richtlijn erkenning beroepskwalificaties

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Richtlijn erkenning beroepskwalificaties, Gereglementeerde beroepen, Implementatie Richtlijn 2013/55/EU, Vrij verkeer van personen, Vrij verkeer van diensten
Auteurs Mr. R.V.A. Bishoen en Mr. I.M. Welbergen
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 20 november 2013 is Richtlijn 2013/55/EU van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 2005/36/EG betreffende de erkenning van beroepskwalificaties vastgesteld. Dit artikel bespreekt in hoofdlijnen de achtergronden van deze richtlijn, de belangrijkste wijzigingen en waar mogelijk de Nederlandse reactie daarop.
    Richtlijn 2013/55/EU van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 2005/36/EG betreffende de erkenning van beroepskwalificaties en Verordening (EU) nr. 1024/2012 betreffende de administratieve samenwerking via het Informatiesysteem interne markt (de IMI-verordening)


Mr. R.V.A. Bishoen
Mr. R.V.A. (Ranoe) Bishoen is wetgevingsjurist bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW).

Mr. I.M. Welbergen
Mr. I.M. (Inge) Welbergen is beleidsjurist bij de directie Media en Creatieve Industrie van het Ministerie van OCW en oud-expert national détaché bij de Europese Commissie (DG Interne markt en financiële diensten).
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.