Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 613 artikelen

x
Casus

Meervoudig stemrecht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2019
Trefwoorden stemrecht, meervoudig stemrecht, beursvennootschappen
Auteurs Mr. J.S. Kalisvaart
SamenvattingAuteursinformatie

    De laatste jaren zijn er diverse beursvennootschappen bij gekomen die Nederland als vestigingsplaats hebben gekozen en een structuur met meervoudig stemrecht hebben geïntroduceerd. Vaak zijn deze vennootschappen van origine buitenlands. Bij een aantal van deze vennootschappen is de mogelijkheid geïntroduceerd extra stemrecht toe te kennen aan ‘loyale’ aandeelhouders. De andere in de praktijk gebruikte vorm is de high/low voting stock-structuur, waarbij door introductie van aandelen met een verschillende nominale waarde verschil in stemrecht verbonden aan die aandelen wordt gecreëerd. In dit artikel bespreekt de auteur de kenmerken van de genoemde structuren en gaat hij in op de juridische ‘haken en ogen’.


Mr. J.S. Kalisvaart
Mr. J.S. (Jelmer) Kalisvaart is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Casus

Access_open Ontwikkelingen in de regelgeving omtrent beloningen

Streng, strenger, strengst?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2019
Trefwoorden beloning, beloningsbeleid, bonuscap, Wbfo, Wet beheerst beloningsbeleid financiële ondernemingen
Auteurs Mr. E.S. Sijmons
SamenvattingAuteursinformatie

    Ruim vier jaar geleden trad de Wet beloningsbeleid financiële ondernemingen (Wbfo) in werking, waarmee een breed pakket aan beloningsregels is geïntroduceerd voor alle financiële ondernemingen. In 2018 is de Wbfo geëvalueerd met voorgenomen wijzigingen tot gevolg. Daarnaast is vanuit politieke hoek een aantal voorstellen tot aanscherpingen gedaan als reactie op maatschappelijke ontwikkelingen. Dit artikel biedt een overzicht van deze ontwikkelingen. De uitkomsten van de evaluatie bieden geen concrete aanknopingspunten voor de recente voorstellen over vaste beloning en ook schort het vaak aan deugdelijke onderbouwing van de noodzaak van de voorgestelde regels. De nieuwe regels met betrekking tot de niet-cao-uitzondering op de bonuscap en met betrekking tot proportionaliteit brengen daarentegen duidelijkheid voor marktpartijen en zijn daarom vanuit juridisch perspectief toe te juichen.


Mr. E.S. Sijmons
Mr. E.S. (Eleonore) Sijmons is advocaat bij Finnius te Amsterdam. Hiervoor was zij werkzaam bij De Nederlandsche Bank N.V.
Artikel

De verhaals(on)mogelijkheden van de WAM-verzekeraar bij (joy)rijden zonder rijbewijs

Bijdrage naar aanleiding van Hof Arnhem-Leeuwarden 23 oktober 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:9273 en Hof Arnhem-Leeuwarden 9 april 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:3129

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2019
Trefwoorden joyriding, artikel 185 lid 2 WVW 1994, verhaalsrecht WAM-verzekeraar, familieverweer, artikel 7:962 lid 3 BW
Auteurs Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart
SamenvattingAuteursinformatie

    In krap een halfjaar tijd deed het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden uitspraak in twee vergelijkbare zaken, waarin sprake was van joyriding door een jeugdig familielid van de verzekeringnemer en waarbij de betrokkene reed zonder (geldig) rijbewijs. In beide zaken trachtte de WAM-verzekeraar van het betrokken voertuig de aan derde-benadeelden gedane uitkeringen te verhalen. Een belangrijk verschil: de ene verzekeraar richtte zich tot zijn eigen verzekerde, de andere verzekeraar richtte zich tot de joyrider. Aan de hand van de beide arresten belicht deze bijdrage de verhaalsmogelijkheden van een WAM-verzekeraar in geval van joyriden zonder (geldig) rijbewijs.


Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart
Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart is promovenda bij de sectie Burgerlijk recht van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

De vertrekvergoeding en de Hoge Raad: geen guidance, wel vragen

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden WNT, Wbfo, Hoge Raad, Vertrekvergoeding, Ambtshalve toetsing
Auteurs Mr. Merel Goldschmidt
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft in juni 2018 een van de weinige uitspraken inzake de Wbfo gewezen. Van belang bij deze uitspraak was de vraag of de het hof gehouden was het verweer van Rabobank inzake artikel 1:125 lid 2 Wft ambtshalve te toetsen. Daarnaast is interessant aan dit arrest dat de Hoge Raad zich niet uitspreekt over de vraag of een deel van de vergoedingen waarover wordt geprocedeerd in materiële zin wel valt onder het begrip van ‘vertrekvergoeding’ als bedoeld in artikel 1:125 lid 2 Wft. De Hoge Raad had kunnen bijdragen aan de rechtszekerheid door zich hier (meer concreet) over uit te spreken.


Mr. Merel Goldschmidt
Advocaat
Jurisprudentie

Artikel 4:36 BW en werkzaamheden verricht voor een bv

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden artikel 4:36 BW, salaire différé, uitgesteld loon, andere wettelijke rechten, vennootschap
Auteurs Mr. drs. M.R. Beuker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur in op een aantal aspecten van artikel 4:36 BW. Dit wordt gedaan aan de hand van een arrest van het Gerechtshof Amsterdam dat gewezen is op 12 februari 2019. Daarin kwam de vraag aan de orde of ook recht op een som ineens bestaat indien werkzaamheden zijn verricht voor een bv waarin de erflater gerechtigd was. De auteur analyseert de toepasselijkheid van artikel 4:36 BW bij werk dat verricht is voor kapitaalvennootschappen of personenvennootschappen. Ook wordt stilgestaan bij de rol van de verrichte werkzaamheden en de wenselijkheid van de huidige regeling. De conclusie luidt dat onvoldoende grond bestaat voor onderscheid tussen werkzaamheden die zijn verricht voor een kapitaalvennootschap dan wel voor de erflater zelf. Besloten wordt daarom met een oproep om de wet op dit punt aan te passen.


Mr. drs. M.R. Beuker
Mr. drs. M.R. Beuker is als NWO-promovendus verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Impressies

Nederlandse Wet op de reisovereenkomst: (on)werkbaarheid in de praktijk

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Reisovereenkomst, Gekoppeld reisarrangement, Richtlijn pakketreizen, Reiziger, Handelaar
Auteurs Mr. N.A. de Leeuw en Mr. drs. J.A. Tersteeg
SamenvattingAuteursinformatie

    De nieuwe wet op de reisovereenkomst (titel 7A van Boek 7 BW) welke wet op 1 juli 2018 in werking is getreden, is eigenlijk een vrijwel letterlijke vertaling van de Richtlijn Pakketreizen en Gekoppelde Reisarrangementen van 25 november 2015. Hoewel de doelstelling van de Richtlijn, te weten meer bescherming voor de reiziger en maximum harmonisatie tussen de lidstaten een mooi streven was, blinkt de Richtlijn niet uit in duidelijkheid en zijn er voorafgaand aan de totstandkoming ervan vele ontwerpen de revue gepasseerd die de eindstreep van het wetgevingsproces niet hebben gehaald. Desondanks heeft de Nederlandse wetgever deze moeilijke wetgeving uit Brussel redelijk leesbaar geïmplementeerd in de Nederlandse wet. Onzes inziens is de Richtlijn, en daarmee dus ook de Nederlandse wet, op een aantal vlakken niet duidelijk en lastig uit te leggen aan zowel de ondernemers in de reisbranche als aan de reiziger. Ook zijn er enkele onvolkomenheden in de wet geslopen, mede veroorzaakt door een slordige vertaling van de Richtlijn in het Nederlands, waar de Nederlandse wetgever overigens geen invloed op had. In dit artikel willen we met name stilstaan bij een aantal van deze onduidelijkheden en moeilijkheden. Zo zijn de definitiebepalingen bijvoorbeeld vrij ingewikkeld en roept de afbakening tussen een pakketreis en het nieuwe fenomeen van het gekoppeld reisarrangement vragen op. Ook zetten wij vraagtekens bij de vergaande informatieverplichtingen, de positie van de zakenreiziger en de wijze waarop de garantieverplichtingen in Nederland zijn geïmplementeerd. Hoe werkzaam de wet zal zijn in de praktijk van alle dag, zal de komende jaren dus nog moeten blijken.


Mr. N.A. de Leeuw
Mr. N.A. de Leeuw is advocaat bij La Gro Geelkerken Advocaten.

Mr. drs. J.A. Tersteeg
Mr. drs. J.A. Tersteeg is avocaat bij EMR Advocaten.
Recent

Nieuw: de sociale bv

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 6 2019
Auteurs Bendert Zevenbergen

Bendert Zevenbergen
Het ambacht

Inwerkingtredingswetten

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2019
Trefwoorden inwerkingtreding, invoeringswetten, Omgevingswet, Aanwijzingen voor de regelgeving
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de figuur waarbij in een wet wordt bepaald dat die wet in werking wordt gesteld via een andere wet. Die andere wet wordt in deze bijdrage aangeduid als ‘inwerkingtredingswet’. Aanleiding voor deze bijdrage was het verzoek vanuit de Tweede en Eerste Kamer om zo’n constructie toe te passen bij de Omgevingswet. Uiteindelijk is daar voor een eenvoudigere oplossing gekozen (een zware voorhangprocedure voor het inwerkingtredings-KB). De figuur van inwerkingtredingswetten voert terug tot in de negentiende eeuw, toen het Wetboek van Strafrecht op die wijze in werking is gesteld. In de laatste decennia van de vorige eeuw kwam dit verder regelmatig voor bij wetten van Financiën, Binnenlandse Zaken en Verkeer en Waterstaat die grote stelselwijzigingen inhielden. Nooit was sprake van een ‘zuivere’ inwerkingtredingswet: steeds bevatte zo’n wet naast de inwerkingstelling van de ‘hoofdwet’ ook overgangsrecht en aanpassingen van specifieke wetten. Het ging dus steeds om ‘invoeringswetten’. De laatste jaren is deze methode in onbruik geraakt, omdat de inwerkingstelling van zowel de hoofdwet als de invoeringswet wordt gedelegeerd aan de regering, die beide wetten dan in werking laat treden via één inwerkingtredings-KB.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Overgang van de prepack naar een bruikbaar(der) instrument

Over de huidige relevantie van de prepack en overgang van onderneming in faillissement

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden prepack, overgang van onderneming, WCO I, Smallsteps, ETO-redenen
Auteurs Mr. H.J. de Kloe
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht of de prepack na Smallsteps nog relevant is voor de praktijk. Daarnaast wordt ingegaan op een mogelijke oplossing om de prepack weer relevant te maken: toepassing van de OVO-regeling op alle doorstarts in faillissement. Deze mogelijkheid wordt onderzocht met behulp van een vergelijking met Engels recht.


Mr. H.J. de Kloe
Mr. H.J. de Kloe is wetenschappelijk docent ondernemingsrecht en financieel recht bij de sectie Handels- en Ondernemingsrecht & Financieel Recht van de Erasmus School of Law te Rotterdam.
Artikel

Access_open Eenvoudig personenvennootschapsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden personenvennootschap, rechtspersoonlijkheid, vennotenaansprakelijkheid, afgescheiden vermogen, LLP
Auteurs Mr. Chr.M. Stokkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Het recente ambtelijk voorontwerp tot modernisering van het personenvennootschapsrecht geeft te veel complexiteit. Dit komt vooral door het ontbreken van een vennootschapstype zonder rechtspersoonlijkheid en een volwaardig alternatief voor de LLP. Daarnaast kan meer bij het algemene vermogensrecht worden aangesloten, zoals bij de vormgeving van vruchtgebruik en pandrecht op vennootschapsaandelen.


Mr. Chr.M. Stokkermans
Mr. Chr.M. Stokkermans is oud-notaris te Amsterdam.
Artikel

Wie heeft een wiethok op zolder?

Een kwantitatief onderzoek naar risico- en beschermende factoren op persoons- en buurtniveau voor illegale hennepplantages in woningen

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2019
Trefwoorden indoor cannabis cultivation, risk factors, individuals, neighbourhoods
Auteurs Emily Berger MSc, Vera de Berk MSc, Dr. Joris Beijers e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Illegal weed cultivation is increasingly perceived as an important societal problem. Most of existing research in this area focuses on the criminal organisations active on the cannabis market and the criminal profits that are gained here. The current study however focuses on the actors at the bottom of the cannabis market – the home growers – and aims at answering the following research question: what factors influence the chance of encountering an illegal weed cultivation at a certain residential address? In this study, the risk and protecting factors are taken into consideration on both the individual level (e.g. family composition and financial position of residents) and the neighbourhood level (e.g. social cohesion, physical disorganisation, level of criminality in a certain neighbourhood). In the current study, data of 401 illegal hemp cultivation sites discovered between 2011 and 2016 in homes in Eindhoven, the Netherlands, were analysed. Data from various quantitative data sources – like municipal data (BRP and data from the Social Domain) and data from the municipal neighbourhood monitors – were combined and analysed through a multilevel logistic regression. The results suggest that the likelihood of an illegal weed cultivation site is most prominently influenced by individual factors. Being married for instance seems to decrease the risk, whereas being divorced seems to increase the risk. The housing type also turns out to be of influence. On a neighbourhood level, physical disorganisation and the presence of other hemp cultivation sites in the neighbourhood are the only predictors for hemp cultivation. The results are discussed in the light of criminological theories regarding participation in crime, using the theoretical concepts motivation, opportunity, and control.


Emily Berger MSc
E. Berger, MSc is als junior-onderzoeker verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden en was ten tijde van het initiële onderzoek masterstudente aan de Universiteit Utrecht en stagiaire bij de gemeente Eindhoven.

Vera de Berk MSc
V.J. de Berk, MSc was ten tijde van het initiële onderzoek masterstudente aan de Universiteit Utrecht en stagiaire bij de gemeente Eindhoven.

Dr. Joris Beijers
Dr. J.E.H. Beijers is als docent verbonden aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Universiteit Utrecht en werkzaam als analist bij de gemeente Eindhoven.

Prof. dr. mr. Arjan Blokland
Prof. dr. mr. A.A.J. Blokland is senior-onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en bijzonder hoogleraar Criminology and Criminal Justice aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Van salafistisch gedachtegoed alleen kun je niet leven: de financiële zelfredzaamheid van 131 uitreizigers nader bekeken

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2019
Trefwoorden jihadi travellers, terrorism, terrorist financing, financial independence
Auteurs Dr. Melvin Soudijn
SamenvattingAuteursinformatie

    The present article examines the financial life of 131 jihadi travellers (JTs), also known as foreign terrorist fighters, from the Netherlands. For the purpose of the research, access was acquired to all their banking transactions in the year preceding their departure: over 60,000 transactions in total. Their income from work or employment, various forms of social assistance, student grants, and other income or expenditure were examined. The data provided a good picture of their financial independence, i.e., the extent to which they were capable of making their own living or needed to claim assistance from the authorities. The analysis shows that it is highly exceptional for Dutch JTs to be financially independent. Only 5 percent have sufficient income from work or employment without making any claims on the government for financial assistance, and are free of mounting debts. The low score can for a large part be explained by the fact that almost half of the JTs are under 23 years of age and/or receive a student grant. Their financial picture largely resembles ordinary students. Older JTs (over 22 years of age, and not having received a student grant for at least one year) underperform, however. Only 9 percent are financially independent. Financial support could perhaps be used to monitor or steer recipients’ role in society.


Dr. Melvin Soudijn
Dr. M.R.J. Soudijn is operationeel specialist bij de afdeling Analyse & Onderzoek, Dienst Landelijke Informatieorganisatie, Landelijke Eenheid, Politie.
Artikel

Salaire différé

Ook in de nalatenschap van een DGA?

Tijdschrift AdvoTip, Aflevering 7 2019
Auteurs Prof. mr. dr. W. Burgerhart

Prof. mr. dr. W. Burgerhart
Vrij verkeer

Een overwinning voor vrijverkeersrechten van regenboogfamilies in Europa: het langverwachte Coman-arrest

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden vrij verkeer van Unieburgers, artikel 21 VWEU, koppels van hetzelfde geslacht, Burgerschapsrichtlijn 2004/38/EG, recht op familieleven (art. 7 Handvest)
Auteurs H.H.C. Kroeze LL.M. en B. Safradin LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    In Coman heeft het Hof van Justitie voor het eerst uitspraak gedaan over het recht op gezinshereniging van een EU-burger met zijn partner van hetzelfde geslacht op basis van de Burgerschapsrichtlijn (Richtlijn 2004/38/EG). De vraag van de verwijzende Roemeense rechter heeft betrekking op de kwestie of een derdelander die gehuwd is met een EU-burger van hetzelfde geslacht als ‘echtgenoot’ van een Unieburger in de zin van het EU-recht aangemerkt kan en moet worden. Het Hof van Justitie beantwoordt die vraag bevestigend. Het arrest Coman is een overwinning voor de LHBTI-gemeenschap, omdat het Hof van Justitie met dit arrest lidstaten verplicht de burgerlijke staat van getrouwde homoseksuele koppels te erkennen voor wat betreft de uitoefening van de vrijverkeersrechten. Deze annotatie bespreekt zowel de implicaties als de beperkingen van het arrest. Het is bijvoorbeeld nog onduidelijk hoe ver de gelijke behandeling van koppels van hetzelfde geslacht strekt en of zij via het EU-recht ook toegang kunnen krijgen tot andere rechten die aan het huwelijk gekoppeld zijn, zoals socialezekerheidsrechten. Daarnaast legt het arrest de kwestie van omgekeerde discriminatie opnieuw bloot.
    HvJ 5 juni 2018, zaak C-676/16, Relu Adrian Coman e.a./Inspectoratul General pentru Imigrari, Ministerul Afacerilor Interne, ECLI:EU:C:2018:385.


H.H.C. Kroeze LL.M.
H.H.C. (Hester) Kroeze LL.M. is promovenda in het Europees recht aan de Universiteit van Gent.

B. Safradin LL.M.
B. (Barbara) Safradin LL.M. is junior onderzoeker verbonden aan het ETHOS-project en docente Europees recht aan de Universiteit van Utrecht.
Annotatie

Sociale zekerheid en controle op detacheringen binnen de EU. Nieuwe wending in de rol van de detacheringsverklaringen bij fraude

HvJ EU 6 februari 2018, zaak C-359/16 (Altun e.a./Openbaar Ministerie)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Europese Unie, Detachering, Sociale zekerheid, A1-verklaringen, Fraude
Auteurs Prof. mr. H. Verschueren
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage annoteert het arrest Altun (C-359/16) van het Hof van Justitie van de Europese Unie over de betekenis van de A1-verklaringen bij de toepassing van de Europese socialezekerheidscoördinatie (Verordening 883/2004). Deze zaak ging over de controle die de ontvangstlidstaten kunnen uitoefenen op de correcte toepassing van de regels met betrekking tot de vaststelling van de toepasselijke socialezekerheidswetgeving bij detachering binnen de EU. Dit artikel gaat op de eerste plaats dieper in op de voorwaarden met betrekking tot de toepassing van deze detacheringsregels en op de tot nog toe bestaande rechtspraak van het Hof van Justitie over de betekenis van de detacheringsverklaringen. Het licht dan verder toe hoe het Hof aan deze rechtspraak een nieuwe wending heeft gegeven door de rechter van de ontvangstlidstaat de mogelijkheid te geven om, indien fraude kan worden aangetoond, deze verklaringen naast zich neer te leggen en zijn eigen socialezekerheidswetgeving toe te passen. Het concludeert dat deze rechtspraak de mogelijkheden om fraude en sociale dumping tegen te gaan slechts in beperkte mate heeft uitgebreid.


Prof. mr. H. Verschueren
Prof. mr. H. Verschueren is gewoon hoogleraar Europees en internationaal sociaal recht aan de Universiteit Antwerpen. Hij doet vooral onderzoek naar de juridische aspecten van grensoverschrijdende tewerkstelling (arbeidsrecht en socialezekerheidsrecht) en naar de sociale rechten van migrerende Unieburgers. Zie voor meer gegevens: en www.uantwerpen.be/nl/personeel/herwig-verschueren/.
Serie-artikel

Access_open Het concept-Wetsvoorstel Instituut mijnbouwschade Groningen nader bekeken

Een artikel in de serie ‘Aardbevingen in Groningen en het vermogensrecht’

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden mijnbouwschade, schadevergoedingsrecht, regelgeving, aansprakelijkheidsrecht, bestuursrecht
Auteurs Mr. dr. J.E. van de Bunt
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt het concept-Wetsvoorstel Instituut mijnbouwschade Groningen, dat een exclusieve publieke regeling voor het vergoeden van alle soorten schade door gaswinning in Groningen in het leven wil roepen, kritisch tegen het licht gehouden. Zal het wetsvoorstel de eerder gerezen problemen voor gedupeerden kunnen oplossen? Leidt publieke schadeafwikkeling niet tot nieuwe problemen?


Mr. dr. J.E. van de Bunt
Mr. dr. J.E. van de Bunt is universitair docent privaatrecht bij Tilburg University en zelfstandig adviseur op het gebied van schadefondsen.
Artikel

Uitgesteld loon. Vereenzelvigen of niet?

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 9 2019
Trefwoorden Testament
Auteurs Prof. mr. dr. W. Burgerhart

Prof. mr. dr. W. Burgerhart
Artikel

Ontslag van de bestuurder van de stichting door de rechter

Wie is de belanghebbende?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden belanghebbende, tweekringenleer, toezicht bestuur, stichting, hoedanigheid verzoeker
Auteurs Mr. A.M. Dumoulin-Siemens LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Wie wordt ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot ontslag van de stichtingsbestuurder? De auteur analyseert het nieuwste arrest van de Hoge Raad hierover. De conclusie luidt dat de Hoge Raad de bestendige jurisprudentie over de reikwijdte van het belanghebbendebegrip bevestigt en wellicht iets verruimt.


Mr. A.M. Dumoulin-Siemens LLM
Mr. A.M. Dumoulin-Siemens LLM is advocaat/foreign associate bij DLA Piper UK LLP te Keulen, Duitsland.
Artikel

De uitkeringstest en de tegenstrijdigbelangregeling bij de bv

De wetgever geeft duidelijkheid

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 5 2019
Trefwoorden Testament
Auteurs mr. H. Koster

mr. H. Koster
Toont 1 - 20 van 613 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 30 31
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.