22130713_omslag108px
Rss

Netherlands Journal of Legal Philosophy

Meer op het gebied van Algemeen, Open Access

Over dit tijdschrift  
Aflevering 2, 2017 Alle samenvattingen uitklappen
Redactioneel

Access_open De gevoelstemperatuur van het strafrecht

Auteurs Anne Ruth Mackor, Jeroen ten Voorde en Pauline Westerman
Auteursinformatie

Anne Ruth Mackor
Anne Ruth Mackor is als hoogleraar professie-ethiek, in het bijzonder van juridische professies, verbonden aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.

Jeroen ten Voorde
Jeroen ten Voorde is bijzonder hoogleraar strafrechtsfilosofie (leerstoel Leo Polak) aan de Rijksuniversiteit Groningen en universitair hoofddocent straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden.

Pauline Westerman
Pauline Westerman is als hoogleraar rechtsfilosofie verbonden aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijkuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open Sincere Apologies

The Importance of the Offender’s Guilt Feelings

Trefwoorden Sincerity of emotions, Guilt, Feelings, Apology, Offender
Auteurs Margreet Luth-Morgan DPhil Oxon, MA
SamenvattingAuteursinformatie

    This paper discusses the meaning and the importance of emotions, in particular the sincere guilt feelings of the offender. It is argued that the emotion of guilt reveals important information about the offender’s values and normative position. In the remainder of the paper, special consideration is awarded to the argument concerning ritual apologies, which might contain value even when insincere. This argument is rejected, on two grounds: 1. if the apology ritual does not aim for sincere guilt feelings, then the use of the symbol of apology is not fitting; and 2. if the apology ritual does aim for sincere guilt, then an insincere apology devalues the sincere expression.


Margreet Luth-Morgan DPhil Oxon, MA
Margreet Luth-Morgan is universitair docent aan Erasmus School of Law, sectie Sociologie, Theorie en Methodologie, Rotterdam.
Artikel

Access_open Over verplichte excuses en spreekrecht

Wat is er mis met empirisch-juridisch onderzoek naar slachtoffers?

Trefwoorden empirical legal studies, apologies, procedural justice, humiliation, victim rights
Auteurs Vincent Geeraets en Wouter Veraart
SamenvattingAuteursinformatie

    The central question in this article is whether an empirical-legal approach of victimhood and victim rights could offer a sufficient basis for proposals of legal reform of the legal system. In this article, we choose a normative-critical approach and raise some objections to the way in which part of such research is currently taking place in the Netherlands, on the basis of two examples of research in this field, one dealing with compelled apologies as a possible remedy within civil procedural law and the other with the victim’s right to be heard within the criminal legal procedure. In both cases, we argue, the strong focus on the measurable needs of victims can lead to a relatively instrumental view of the legal system. The legal system must then increasingly be tailored to the wishes and needs of victims. Within this legal-empirical, victim-oriented approach, there is little regard for the general normative principles of our present legal system, in which an equal and respectful treatment of each human being as a free and responsible legal subject is a central value. We argue that results of empirical-legal research should not too easily or too quickly be translated into proposals for legal reform, but first become part of a hermeneutical discussion about norms and legal principles, specific to the normative quality of legal science itself.


Vincent Geeraets
Vincent Geeraets is universitair docent aan de afdeling Rechtstheorie en rechtsgeschiedenis van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Wouter Veraart
Wouter Veraart is hoogleraar rechtsfilosofie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open Dworkin’s Rights Conception of the Rule of Law in Criminal Law

Should Criminal Law be Extensively Interpreted in Order to Protect Victims’ Rights?

Trefwoorden Klaas Rozemond, Ronald M. Dworkin, Legality in criminal law, Rights conception of the rule of law, Legal certainty
Auteurs Briain Jansen LLM.
SamenvattingAuteursinformatie

    The extensive interpretation of criminal law to the detriment of the defendant in criminal law is often problematized in doctrinal theory. Extensive interpretation is then argued to be problematic in the light of important ideals such as democracy and legal certainty in criminal law. In the Dutch discussion of this issue, Klaas Rozemond has argued that sometimes extensive interpretation is mandated by the rule of law in order to protect the rights of victims. Rozemond grounds his argument on a reading of Dworkin’s distinction between the rule-book and the rights conception of the rule of law. In this article, I argue that Dworkin’s rights conception, properly considered, does not necessarily mandate the imposition of criminal law or its extensive interpretation in court in order to protect victims’ rights.


Briain Jansen LLM.
Briain Jansen is als promovendus rechtstheorie verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Access_open Schade in de virtuele wereld: de casus virtuele grooming

Trefwoorden Virtuele grooming, Schade, Strafbaarstelling, Uitlokverbod
Auteurs Prof. mr. Jeroen ten Voorde
SamenvattingAuteursinformatie

    As part of a package of legislative measures concerning cybercrime, the Dutch State Secretary for Security and Justice proposes to criminalize virtual grooming, that is the grooming of a person of minor age who, for example, does only exist as an online creature. The legislator’s principle argument for criminalization is based on the harm principle. This article examines the possibility of founding the criminalization of virtual grooming on this principle.


Prof. mr. Jeroen ten Voorde
Jeroen ten Voorde is bijzonder hoogleraar strafrechtsfilosofie (leerstoel Leo Polak) aan de Rijksuniversiteit Groningen en universitair hoofddocent straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Positieve uitlokking van ethisch hacken

Een onderzoek naar responsible-disclosurebeleid

Trefwoorden ethical hacking, responsible disclosure, positive incitement, negative incitement, intrinsic desirability
Auteurs Karel Harms
SamenvattingAuteursinformatie

    In this contribution, the Dutch government’s acceptance of ethical hacking, by implementing a policy of responsible disclosure, is considered to be a beneficent development. Ethical hacking contributes to cybersecurity and is intrinsically desirable. The term positive incitement is proposed to describe the relatively new phenomenon of encouraging ethical hacking. Positive incitement will be analysed by making a comparison to the Dutch toleration policy regarding soft drugs, and to incitement by law enforcement. Positive incitement should not change into negative incitement, which would result in a serious breach of the rights of ethical hackers. Furthermore, it is argued that the intrinsic value of ethical hacking can justify searching for vulnerabilities in systems of organisations who do not approve of this in advance.


Karel Harms
Karel Harms studeert aan de Rijksuniversiteit Groningen en volgt de master Rechtswetenschappelijk onderzoek.
Artikel

Access_open Filosofie in de rechtszaal

Trefwoorden rechtsfilosofie, politiek proces, onverdraagzaamheid, Wilders II
Auteurs Dr. Bert van Roermund
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van het optreden van Paul Cliteur in het Wilders II-proces rijst de vraag hoe de inzet van een rechtsgang zich verhoudt tot de eigen aard van de filosofie. Aan de ene kant vertolkt filosofie precies dat register van waarheid dat in het recht aan de orde is. Aan de andere kant is die vertolking zo oneindig open dat ze strijdt met het gesloten karakter van het recht als een proces dat conflicten moet beëindigen door gezagvolle beslissingen. Socrates’ optreden in zijn eigen proces toont aan: de slechtste dienst die de filosofie het recht kan bewijzen, is het verlengstuk te worden van het positieve recht en zich bij voorbaat beschikbaar te stellen als een vindplaats van argumenten wanneer de juridische argumenten op zijn. De slotparagraaf argumenteert dat Cliteur deze socratische les terzijde legt. Als gevolg daarvan geeft hij een geforceerde lezing van het Felter-arrest en mist hij de kern van het begrip ‘onverdraagzaamheid’.


Dr. Bert van Roermund
Bert van Roermund is professor emeritus aan Tilburg Law School.